Meer ruimte voor duurzame vissers

De regering moet bij de herziening van het contigentenstelsel (het systeem voor visrechten) zorgen voor meer duurzaamheid en innovatie in de visserij. Het huidige systeem biedt nieuwe duurzame vissers te weinig kansen. De verdeling van visquota (hoeveel vis er gevangen mag worden) kan juist worden gebruikt om de sector te helpen verduurzamen.

Motie van het lid Vellinga-Beemsterboer over contigenten laten inzetten als stimulans voor verduurzaming en innovatie in de visserijsector

De kamer, constaterende dat de regering werkt aan een herziening van de huidige verdeling van visrechten binnen het contigentenstelsel; overwegende dat het huidige systeem weinig ruimte biedt voor de nieuwe generatie duurzame vissers; overwegende dat het contigentenstelsel juist ingezet kan worden als stimulans om te verduurzamen en/of te innoveren; verzoekt de regering bij de herziening van het contigentenstelsel te voorzien dat contigenten worden ingezet als stimulans voor verduurzaming en innovatie in de visserijsector, zoals de pelagische en passieve visserij.
16 juni | D66 |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een goede en bestendige toekomst voor de visserij [3] waarbij de sector in goede samenhang met de natuur opereert [1]. Ze willen investeren in een toekomstbestendige, CO2-neutrale vloot [1] en hechten waarde aan innovatie om de sector te versterken [4]. Daarnaast zien de partij vissers als rentmeesters die de natuur moeten bewaren [2][1], wat aansluit bij het gebruik van beleid om verduurzaming te stimuleren.

Argumenten tegen: De partij benadrukt dat de visserij een eerlijke doorstart verdient met een goed verdienmodel en rechtszekerheid [1]. Als de herziening van het contigentenstelsel zou leiden tot onzekerheid of een verslechtering van de inkomsten van vissers, zou de partij hiertegen kunnen stemmen.

Bronnen:

  1. "Vissers staan voor forse uitdagingen. De eeuwenoude visserijtraditie verdient een eerlijke doorstart, met een goed verdienmodel, rechtszekerheid en in goede samenhang met de natuur. Nederland staat in Europa en tegenover het Verenigd Koninkrijk op voor de belangen van deze sector. Daarom geven we niet op als het gaat over pulskorvisserij, waarbij vis veel duurzamer wordt gevangen dan met de boomkor. De aanlandplicht moet flexibeler worden om daadwerkelijk bij te dragen aan een gezonde zee. Vissers worden actief betrokken bij de ontplooiing van activiteiten op zee, zoals windmolenparken. Medegebruik van deze ruimte door vissers wordt mogelijk gemaakt. Bestaande visserijgebieden worden niet gesloten. Via gerichte nieuwbouwen ombouwsubsidies wordt geïnvesteerd in een toekomstbestendige CO2-neutrale vloot. We staan voor goed rentmeesterschap ter zee, daarom verscherpen we en handhaven we internationale afspraken over overbevissing, omgang met bijvangst en 'spookvistuig' (het verliezen van netten en lijnen). Onderzoek naar het werkelijke effect van moderne visserij op vissoorten en zeeen bodemleven wordt versterkt."
  2. "Onze boeren, tuinders en vissers werken dagelijks in weer en wind om ons van ons voedsel te voorzien. Vaak zijn het familiebedrijven die, ondanks vaak te lage prijzen en ingewikkelde regels en rechtsonzekerheid, ons van voedsel voorzien en voor onze omgeving zorgen. Als rentmeesters geven ze invulling aan Gods opdracht om de schepping te bewerken en bewaren. Ze onderhouden ons prachtige Nederlandse landschap. Helaas is het huidige landbouw- en voedselsysteem door politieke en commerciële druk niet meer in balans met de omgeving en natuur. De ChristenUnie streeft naar een gebalanceerde landbouwsector: extensiever en met meer oog voor de natuur. Krimp van de veestapel gaat daarbij gepaard met een passend hernieuwd verdienmodel voor de boer."
  3. "We staan ook voor een bloeiende agrarische sector en zijn trots op de historische plek van de visserij in ons land. We maken daarom werk van een bestendige en goede toekomst voor boeren, tuinders en vissers."
  4. "Om onze toekomstige welvaart zeker te stellen is het van belang om nu te investeren in innovatie en productiviteit. Dat vraagt om een beter samenspel van wetenschap, kennisinstituten, opleidingen en bedrijven. Er komt een nationale investeringsbank, als voortzetting van InvestNL. Op macroniveau bedragen op termijn de publieke en private uitgaven aan innovatie en onderzoek 3% van het nationaal inkomen. We verbeteren de toegang van het mkb, start-ups en scale-ups tot groeikapitaal, ook via nonbancaire financiers als Qredits. We versterken de regionale industrieclusters, bijvoorbeeld via een investeringsdeal waar huisvesting onderdeel van is. Hierbij valt te denken aan de herbestemming van ongebruikte kantoorpanden."