De regering moet onderzoeken hoeveel rekenkracht zij de komende tien jaar nodig heeft voor kunstmatige intelligentie (AI). De regering moet ook kijken hoe zij als grote klant kan helpen bij de bouw van nieuwe digitale voorzieningen, zoals een AI-gigafabriek in Nederland. Dit zorgt voor meer digitale onafhankelijkheid van het buitenland.
Motie van het lid El Boujdaini c.s. over inventariseren hoeveel rekenkracht de overheid de komende tien jaar nodig heeft en hoe de overheid als launching customer optreedt inzake de ontwikkeling van Al-infrastructuur
De kamer,
constaterende dat de overheid in toenemende mate gebruik zal maken
van kunstmatige intelligentie (Al) en dat dit gepaard gaat met een
groeiende behoefte aan rekenkracht;
overwegende dat deze rekenkracht ingekocht wordt bij externe aanbieders
en dat het afnemen van rekenkracht van Nederlandse en Europese
leveranciers bijdraagt aan meer digitale soevereiniteit;
overwegende dat het optreden van de overheid als launching customer
kan bijdragen aan de ontwikkeling en opschaling van innovatieve digitale
infrastructuur, waaronder AI-gerelateerde voorzieningen;
verzoekt de regering om te inventariseren hoeveel rekenkracht de
overheid naar verwachting in de komende tien jaar nodig heeft en op
basis van deze inventarisatie te bezien op welke wijze de overheid als
launching customer optreedt ten behoeve van de ontwikkeling van
Al-infrastructuur, waaronder een Al-gigafabriek in Nederland.
Argumenten voor: De partij wil de afhankelijkheid van niet-EU-landen verminderen door het ontwikkelen van alternatieven [3]. Zij steunen het ondersteunen van EU-bedrijven die alternatieven ontwikkelen voor Amerikaanse AI-diensten om te voorkomen dat deze bedrijven aan buitenlandse partijen worden verkocht [3]. Daarnaast wil de partij investeren in grote digitale infrastructuurprojecten die Nederland structureel sterker maken, vergelijkbaar met de Deltawerken [2]. Het optreden van de overheid als 'launching customer' voor AI-infrastructuur sluit direct aan bij de wens om de digitale soevereiniteit te vergroten en de economie te versterken [2][3].
Argumenten tegen: De partij geeft aan zich niet blind te moeten staren op technologische hypes [1]. Dit zou gebruikt kunnen worden als argument om voorzichtig te zijn met grootschalige investeringen in nieuwe technologische infrastructuren zoals een AI-gigafabriek.
Bronnen:
"Volt zet zich in voor innovatie, ook voor innovatie van en met AI. Maar bij innovatie denken we breder dan AI en LLM's (zoals ChatGPT) alleen. We staren we ons niet blind op technologische hypes. We volgen niet alleen de trends, maar zijn ook innovatieve trendsetter om zo de toekomstbestendigheid van onze samenleving te garanderen. Hiervoor is een ministerie van Digitale Zaken nodig. Bewindvoerders kunnen digitale innovatie agenderen, innovatie bevorderen en toezicht houden op wenselijk en ethisch gebruik van technologie in onze samenleving."
"De Nederlandse overheid moet, naast het ondersteunen van digitale innovatie binnen de EU, ook actief meewerken aan de ontwikkeling van nieuwe digitale technologieën naar analogie van de Deltawerken. Het gaat om grote infrastructurele projecten die Nederland structureel sterker maken, wat goed is voor onze economie. Deze aanpak dient een vast onderdeel te worden van de Nederlandse Digitale Strategie. Nederland investeert in testprojecten waarbij we bestaande technologie uit de EU gebruiken en tevens waarde toevoegen binnen de EuroStack (het EUtechnologie-ecosysteem)."
"We ontwikkelen alternatieven die ons minder afhankelijk maken van niet-EU-landen. EU-bedrijven die alternatieven ontwikkelen voor Amerikaanse cloud-, AI- en cybersecuritydiensten worden erkend als innovatieve spelers en krijgen betere toegang tot financiering. Wij ondersteunen het EUinitiatief om een EU Tech Fund op te richten. Nederland moet inzetten op durfkapitaal voor deeptech en AI-start-ups. We pleiten voor zowel een Nederlands als een EU-investeringsfonds die zich op ethische en open technologieën richten om te voorkomen dat start-ups in AI, quantum computing en cybersecurity, vanwege moeilijk toegang tot opschalingsfinanciering, vaak verkocht worden aan buitenlandse partijen of nog erger: buiten de EU gevestigde bedrijven. Voor lokale initiatieven richten we een NL Sovereign Tech Fund op in nauwe samenwerking met een soortgelijk initiatief in Duitsland. We vormen daarmee de kopgroep binnen een EU van twee snelheden."