De regering moet onderzoeken of heffingen (extra belastingen) de uitstoot van schadelijke stoffen kunnen verminderen. De uitstoot zorgt nu voor hoge kosten door gezondheidsschade en het opruimen van vervuiling. Het eerlijk verdelen van deze kosten zorgt voor een schonere omgeving zonder dat de regels voor bedrijven direct strenger hoeven te worden.
Motie van het lid Vellinga-Beemsterboer over financiële prikkels in kaart brengen die uitstoot en maatschappelijke kosten van schadelijke stoffen kunnen terugdringen
De kamer,
overwegende dat er in de Actieagenda Industrie en Omwonenden ingezet
wordt op het stimuleren van bedrijven via subsidies om gezondheidswinst
te behalen voor omwonenden van industrie;
overwegende dat er aanzienlijke maatschappelijke kosten gebonden zijn
aan de uitstoot van schadelijke stoffen in de vorm van gezondheidsschade
en publieke saneringskosten;
overwegende dat het eerlijk verdelen van deze kosten kan bijdragen aan
een schonere leefomgeving zonder dat er strengere normen voor
bedrijven opgelegd hoeven worden;
verzoekt de regering om in de aangekondigde verkenning in kaart te
brengen op welke wijze met andere vormen van financiële prikkels, zoals
heffingen, de uitstoot van schadelijke stoffen en de maatschappelijke
kosten daarvan kunnen worden teruggedrongen.
Argumenten voor: De partij stelt dat iedereen recht heeft op een gezonde leefomgeving met schone lucht, schoon water en een schone bodem [5][1]. In het programma wordt expliciet benoemd dat de overheid bij sanering moet hanteren dat de vervuiler betaalt [1] en dat kosten verhaald moeten worden op de industrie [2]. Daarnaast wil de partij optreden tegen vervuiling door middel van betekenisvolle boetes [4] en het aanscherpen van schadevergoedingen [6]. Ook de kritiek op bedrijven die winst maken ten koste van de volksgezondheid [3] ondersteunt het idee om via financiële prikkels de uitstoot van schadelijke stoffen te beperken.
Argumenten tegen: Het programma bevat geen specifieke argumenten tegen het onderzoeken van financiële prikkels of heffingen om vervuiling tegen te gaan; de focus ligt juist op het aanpakken van vervuiling en het verhalen van kosten op de industrie.
Bronnen:
"Een gezonde leefomgeving: schoon water, schone lucht, schone bodem. Iedereen heeft recht op een gezonde leefomgeving. Daarom maken we een einde aan het gebruik van microplastics en komt er per direct een verbod op het uitstoten van PFAS. We dwingen vervuilende industrieën om het gebruik van plastic af te bouwen. De normen voor luchtkwaliteit en geluidsbelasting worden aangescherpt. We treden harder op tegen het lozen en storten van giftige stoffen, inclusief asbest. Het gebruik van bouwstoffen zoals staalslakken wordt verboden, zolang niet is aangetoond dat het onschadelijk is voor mens en milieu. De overheid helpt bij sanering, waarbij de vervuiler betaalt."
"Asbest moet aangepakt worden. We zorgen voor de verwijdering van alle asbestdaken en andere gevaarlijke toepassingen van asbest in Nederland. In navolging van de SP-asbestaanpak in Almere vervangen we alle gevaarlijke asbestdaken door goed geïsoleerde nieuwe daken en voorkomen zo tegelijk energiearmoede. We vervangen asbestdaken op schuurtjes en carports door op kosten van de overheid deze collectief, straat voor straat, te laten verwijderen door gecertificeerde saneerders. Voor alle overige toepassingen van asbest richten we een Landelijk Asbest Afbouwprogramma op. We richten een Nationaal Asbestfonds op, want asbestslachtoffers verdienen goede hulp, zonder juridische lijdensweg. De kosten moet de overheid gaan verhalen op de industrie die eraan verdiend heeft."
"Ziekte voorkomen is beter dan genezen. En goedkoper ook. Maar zolang bedrijven mogen verdienen aan het ziek maken van mensen, blijven we dweilen met de kraan open. Nergens wordt dat zo zichtbaar als in de supermarkt: bijna 80 procent van het aanbod is ongezond. De voedingsindustrie speelt met verslavende samenstellingen en agressieve marketing in op onze kwetsbaarheden en maakt daar miljardenwinsten mee. En daarna maakt de geneesmiddelenindustrie ons weer 'beter' met bijvoorbeeld hormoonpillen en spuiten om af te vallen. Daarmee heeft de vrije markt een dubbel verdienmodel op onze gezondheid. En de overheid kijkt toe. Net als bij de tabaksindustrie blijven winsten belangrijker dan volksgezondheid."
"Schone industrie in eigen hand en eigen land. Industrie moet blijven in Nederland. Voor investeringen zijn cruciale sectoren nodig. Denk hierbij aan de productie van staal, chemie, de winning van schaarse grondstoffen en de opwekking van energie. We investeren in een sterke, innovatieve en schonere economie. Dit doen we onder andere bij Tata Steel in IJmuiden, bedrijven op Chemelot in Limburg of in de Rotterdamse Haven. Maar uiteraard ook op zoveel andere plekken in het land, denk bijvoorbeeld aan plekken als de Eemshaven, Twente, Moerdijk en Zeeland. De maakindustrie in Nederland is belangrijk. Ook schept de overheid goede randvoorwaarden en heldere regels met betekenisvolle boetes."
"Iedereen heeft recht op schone lucht, schoon water en een gezonde bodem. We bouwen aan een land waarin vervuiling wordt aangepakt en natuur en gezondheid voorop staan. Zo zorgen we voor een leefomgeving waarin mensen en natuur kunnen floreren."
"Veilige zoutwinning. Zoutwinning mag niet leiden tot risico's voor bewoners of natuur. We scherpen toezicht en schadevergoedingen aan en voorkomen herhaling van fouten, zoals in Groningen en in Twente. Verdere zoutwinning wordt niet toegestaan en bestaande zoutwinning wordt afgebouwd waar het een risico vormt voor de veiligheid van mens en natuur."