Geen bezuinigingen op arbeidsongeschiktheid

De regering moet niet bezuinigen op de arbeidsongeschiktheidsregelingen (uitkeringen voor mensen die niet kunnen werken). Het verlagen van deze uitkeringen zorgt voor meer armoede.

Motie van het lid Edgar Mulder over niet bezuinigen op de arbeidsongeschiktheidsregelingen

De kamer, constaterende dat het kabinet-Jetten de uitkeringen nog verder wil verlagen, zelfs voor bestaande gevallen; overwegende dat dit zal leiden tot meer armoede; verzoekt de regering niet te bezuinigen op de arbeidsongeschiktheidsregelingen.
18 juni | PVV | Verworpen: 67–82 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma PvdD

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij wil de versobering van de Wajong voor jongeren met een beperking terugdraaien [3]. Daarnaast streeft de partij ernaar dat gemeenten voldoende middelen krijgen om sociaal werk van goede kwaliteit te garanderen zonder te hoeven bezuinigen [5]. Het algemene doel is een rechtvaardig sociaal vangnet waarbij mensen een inkomen hebben dat genoeg is om fatsoenlijk van te leven [4][6], waarbij de WIA toegankelijker wordt [2] en onnodige herindicaties worden afgeschaft [1].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen de motie te stemmen; de standpunten zijn juist gericht op het versterken en beschermen van het sociale vangnet.

Bronnen:

  1. "We schrappen onnodige herindicaties voor personen met een (levenslange) handicap enof chronische ziekte."
  2. "We herzien het vangnet voor mensen die langdurig arbeidsongeschikt zijn (WIA). Op dit moment hebben mensen met een hoog inkomen vaker en langer recht op een uitkering dan mensen met een lager inkomen. Dat is onrechtvaardig. Een sociaal vangnet moet iedereen gelijkwaardig behandelen. Het recht op WIA wordt toegankelijker: vanaf 15% arbeidsongeschiktheid."
  3. "De versobering van het vangnet voor jongeren met een beperking (de Wajong) draaien we terug. Voor jongeren met een beperking wordt, waar nodig, zinvolle dagbesteding geregeld met mogelijkheden om door te groeien naar betaald werk, als zij dat willen."
  4. "Sociale zekerheid moet simpel, rechtvaardig en menselijk zijn. Iedereen verdient een inkomen dat genoeg is om fatsoenlijk van te leven, zonder onnodige bureaucratie, wantrouwen of voorwaarden die de toegang belemmeren. We richten ons op een systeem dat mensen ondersteunt waar dat nodig is, met ruimte voor eigen initiatief en groei. Inclusiviteit staat centraal: of je nu een beperking hebt, neurodivergent bent of zelfstandig werkt, iedereen krijgt passende kansen en ondersteuning. Gemeenten krijgen de middelen om sociaal werk van hoge kwaliteit te leveren, zodat niemand tussen wal en schip valt. Dit is een sociale zekerheid die niet alleen vangt, maar ook versterkt en verbindt."
  5. "Mensen met een beperking krijgen recht op werk via sociale werkvoorzieningen met betekenisvol werk dicht bij huis, goede begeleiding en een volwaardig inkomen. Gemeenten krijgen voldoende middelen om sociaal werk van goede kwaliteit en continuïteit te kunnen garanderen, zonder te hoeven bezuinigen. We verankeren in de wet de minimale eisen voor het begeleidingsaanbod door gemeenten en bouwen op expertise van werkontwikkelbedrijven."
  6. "We maken uiteindelijk alle toeslagen overbodig. Ieder mens moet een voldoende hoog inkomen hebben om in de basisbehoeften te voorzien. We volgen de aanbevelingen van de enquêtecommissie Fraudebeleid en Dienstverlening hierin volledig op."