Het kabinet moet in gesprek gaan met werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland. Dit gaat over hoe kinderen die in Nederland zijn opgegroeid en geschoold, kunnen werken in de zorg en techniek. Dit lost personeelstekorten op zonder mensen uit het buitenland te halen. Dit onderwerp moet ook worden meegenomen in het plan voor startbanen voor nieuwkomers.
Motie van het lid Ceder over met VNO-NCW en MKB-Nederland in gesprek gaan over hoe gewortelde kinderen die in Nederland geschoold worden, kunnen bijdragen op de arbeidsmarkt
De kamer,
overwegende dat er een grote krapte is op de arbeidsmarkt in essentiƫle
sectoren als de zorg en techniek;
overwegende dat naar aanleiding van de motie-Van der Plas (29 861, nr.
102) en de motie-Ceder (19 637, nr. 3488) de regering onderzoekt hoe
gewortelde kinderen die in Nederland geschoold zijn en worden, kunnen
bijdragen op de arbeidsmarkt;
overwegende dat dit een deel van de arbeidsvraag kan oplossen in plaats
van het aantrekken van vakkrachten uit het buitenland;
verzoekt het kabinet hierover met VNO-NCW en MKB-Nederland in
gesprek te gaan en dit onderwerp tevens te betrekken bij de beleidsontwikkeling van de startbanen voor nieuwkomers.
Argumenten voor: De partij stelt dat arbeidsmigratie geen eenvoudige oplossing is voor structurele tekorten op de arbeidsmarkt [1] en wil de afhankelijkheid van goedkope arbeidskrachten verminderen [3][4]. Daarnaast pleit de partij voor een gezamenlijke aanpak waarbij werkgevers, de overheid en maatschappelijke organisaties samenwerken om de arbeidsmarkt toekomstbestendig te maken [1]. Ook het versterken van de samenwerking tussen het onderwijs en werkgevers is een expliciet doel om de aansluiting op de arbeidsmarkt te verbeteren [2].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten om tegen dit overleg met werkgeversorganisaties of het benutten van de potentie van in Nederland geschoolde nieuwkomers te stemmen.
Bronnen:
"De krimpende beroepsbevolking, bestaande arbeidsmarktkrapte, grote maatschappelijke uitdagingen (bijvoorbeeld verduurzaming) en groeiende vraag naar personeel in publieke sectoren zoals defensie en zorg, is een grote puzzel voor de arbeidsmarkt en economie. Deze structurele krapte vraagt om een gezamenlijke, met 'de polder' gedragen, aanpak. Werkgevers, werknemers, overheid en maatschappelijke organisaties maken samen de arbeidsmarkt toekomstbestendig. In goed polderoverleg maken we eerlijke keuzes over hoe we arbeid anders organiseren, arbeid eerlijker verdelen en welke prioriteiten we stellen in publieke dienstverlening. Arbeidsmigratie is daarbij geen eenvoudig antwoordvoor de oplossing van onze structurele tekorten."
"Of het nu in de zorg, techniek of bouw is: onze samenleving en arbeidsmarkt kan niet zonder vakmensen. We zetten in op positieve beeldvorming en stimuleren jongeren om vol vertrouwen te kiezen voor het vmbo en het mbo. Er komt gericht beleid voor meer praktisch gericht onderwijs, bijvoorbeeld de techniekhavo. Het mbo moet toegankelijk zijn voor instromers zonder startkwalificatie na beoordeling door de opleiding. De samenwerking tussen mboinstellingen en werkgevers wordt versterkt, zodat elke jongere verzekerd is van een kwalitatief goede stageplaats, inclusief stagevergoeding."
"Het toezicht op de naleving van wetgeving (zoals de Wet goed verhuurderschap of de Arbowetgeving) wordt aangescherpt. Sommige sectoren bestaan in Nederland dankzij het grote aanbod van goedkope arbeidskrachten van andere EU-lidstaten of daarbuiten. In die sectoren is Nederland verslaafd aan goedkope arbeidsmigranten. Dit is niet houdbaar. De groei van laagbetaalde arbeid en het aanbod van arbeidsmigranten remt innovatie en robotisering en legt een te grote druk op voorzieningen die schaars zijn. Om meer grip te krijgen op arbeidsmigratie moet er allereerst een einde komen aan de slechte arbeidsvoorwaarden. Daarnaast zijn er aparte Schengen-afspraken en een arbeidsmigratiepact in de Europese Unie nodig. Binnen de Europese Unie pleiten we voor de invoering van tewerkstellingsvergunningen, in eerste instantie voor bepaalde sectoren zoals de bouw of uitzendsector. In Europees verband zetten we ons in om belastingvoordelen voor expats gezamenlijk af te schaffen. Werkgevers dragen bij aan integratie door te investeren in taallessen."
"Te veel sectoren draaien op goedkope buitenlandse arbeidskrachten. In een bloeiende economie gaat de bloei van een bedrijf en haar werknemers hand in hand. Sectoren die alleen kunnen bestaan dankzij slechte primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden hebben geen toekomst in Nederland. Zie hiervoor ook het kopje 'Arbeidsmigratie' in paragraaf 10.3."