De regering moet in Brussel pleiten voor bindende doelen voor elektrificatie in de Europese Unie. Dit is nodig voor een duurzame en sterke samenleving. Duidelijke doelen zorgen ook voor zekerheid, waardoor bedrijven sneller durven te investeren in elektrische technieken.
Motie van het lid Van Oosterhout over pleiten voor bindende minimale elektrificatiedoelen
De kamer,
overwegende dat elektrificatie cruciaal is voor onze weerbaarheid en
efficiënte verduurzaming;
constaterende dat harde doelen stellen zorgt voor investeringszekerheid
en vraagcreatie, en coördinatie tussen EU-landen mogelijk maakt;
verzoekt de regering in Brussel te pleiten voor bindende minimale
elektrificatiedoelen voor de Unie en EU-lidstaten.
Argumenten voor: De partij vindt Europese samenwerking noodzakelijk voor grote uitdagingen zoals klimaatverandering [1] en streeft naar strategische autonomie op Europees niveau, onder andere op het gebied van energie [1]. Daarnaast benadrukt de partij dat klimaatbeleid moet inzetten op een Europees gelijk speelveld om te voorkomen dat uitstoot simpelweg naar andere landen verplaatst [2]. De partij ziet extra Europese regelgeving voor verduurzaming niet als een bedreiging, maar juist als een kans [4], en wil in Europees verband werken aan het normeren van de vraag om markten voor duurzame producten te creëren [3].
Argumenten tegen: Het programma biedt geen argumenten om tegen bindende Europese doelen of verhoogde Europese samenwerking op het gebied van energie te stemmen.
Bronnen:
"Voor grote grensoverschrijdende uitdagingen is Europese samenwerking noodzakelijk: (arbeids)migratiebeleid, klimaatverandering, belastingontwijking en een eerlijke (digitale) economie. In deze tijd met geopolitiek schuivende panelen is strategische autonomie op Europees niveau cruciaal. We willen dat Nederland (en Europa) minder afhankelijk wordt van anderen waar het gaat om essentiële producten zoals grondstoffen, basisproducten, digitale diensten (incl. onafhankelijkheid van Amerikaanse techreuzen), voedsel en energie. Het Europees Parlement vergadert voortaan alleen nog in Brussel. Reizen tussen Brussel en Straatsburg is kostbaar en inefficiënt."
"Wij zien het Akkoord van Parijs en de Europese doelstellingen die daarop zijn gebaseerd als een goede basis. Dat geldt ook voor de Nederlandse Klimaatwet waarin is vastgelegd dat we in 2030 55% CO2-reductie moeten hebben behaald ten opzichte van 1990. De ChristenUnie richt zich op een hogere reductie in 2030, zodat tegenvallers er niet direct toe leiden dat we het minimale doel niet halen. Vermindering van uitstoot in eigen land mag niet leiden tot hogere uitstoot elders. Daarom wordt bij klimaatbeleid zoveel mogelijk ingezet op een Europees gelijk speelveld, met zo min mogelijk weglek. We normeren verstandig, maken gerichte afspraken met (top)sectoren en subsidiëren innovatie, zoals via schoon- en emissieloos bouwen. In het Klimaatfonds trekken we extra geld uit voor energie-infrastructuur, zoals elektriciteits- en wartmenetten, isolatie van huizen en verduurzaming van de industrie, zodat Nederland een sterke en schone industriële sector behoudt."
"Om grote uitstoters te verduurzamen, steunen we het Europese plan om versneld de uitstootrechten voor broeikasgassen in het emissiehandelssysteem in 2040 naar nul af te bouwen. We blijven werk maken van maatwerkafspraken met grote, strategische bedrijven en sectoren. Bedrijven die een plan hebben om volledig te verduurzamen, krijgen steun. De nationale CO2-heffing blijft als instrument bestaan, maar zetten we voor bedrijven waar de overheid in gebreke blijft op nul. Het doel van de heffing is niet om geld op te halen. Mochten er opbrengsten zijn, dan komen die ten goede aan de industrie om de overstap van fossiele naar duurzame productiemethoden te realiseren. We maken in Europees verband werk van het normeren van de vraag, zodat er ook Europese markten zijn voor de duurzaam (en circulair) geproduceerde producten. We stimuleren waterstofinnovatie, om duurzaam opgewekte energie ook te kunnen gebruiken. Naast eigen productie en opslag in Nederland richten we ons op de import van groene waterstof uit landen waar meer ruimte is voor duurzame energieopwekking."
"We zien aanvullende Europese regelgeving voor verduurzaming en maatschappelijk verantwoord ondernemen niet als bedreiging, maar als een kans. Het is zaak om dergelijke regelingen proactief en verstandig te implementeren, om niet de boot te missen, en te voorkomen dat het bedrijfsleven wordt overladen met onnodige regeldruk en onduidelijkheid. De opbrengsten van beprijzingsmechanismen als ETS-2 komen ten goede aan de vergroening van de economie en financiële compensatie van bedrijven en burgers. Nationale heffingen bovenop Europese maatregelen zijn niet altijd effectief, omdat vervuiling in sommige gevallen niet minder wordt, maar simpelweg verplaatst. Dergelijke effecten moeten worden meegewogen bij beleidsvorming."