Snel meer ondersteuning in het onderwijs

De regering moet snel praktische problemen en drempels in het onderwijs wegnemen. Veel leerlingen en studenten kunnen nu niet goed meedoen door een gebrek aan hulpmiddelen of ingewikkeld vervoer. Zij kunnen niet wachten tot 2035 voor inclusief onderwijs. Veel van deze problemen zijn nu al eenvoudig op te lossen.

Motie van het lid Vliegenthart c.s. over belemmeringen wegnemen voor leerlingen en studenten die ondersteuning nodig hebben voor het volgen van onderwijs

De kamer, constaterende dat de regering het doel heeft dat inclusief onderwijs in 2035 de norm is, maar dat hiervoor zowel wijzigingen in wet- en regelgeving als fysieke aanpassingen aan gebouwen noodzakelijk zijn; overwegende dat het volgen van onderwijs door veel leerlingen en studenten niet (volwaardig) mogelijk is door het ontbreken van de juiste hulpmiddelen en doordat het (leerlingen)vervoer van en naar onderwijsinstellingen en het aanvragen van ondersteuning vaak ingewikkelde en tijdrovende trajecten zijn; van mening zijnde dat leerlingen niet tot 2035 kunnen wachten en veel van deze problemen relatief eenvoudig opgelost kunnen worden; verzoekt de regering om met organisaties van leerlingen, studenten en ouders en met het onderwijsveld op korte termijn oplossingen te vinden voor de praktische problemen, en onnodige barrières en belemmeringen weg te nemen, zodat leerlingen en studenten die ondersteuning nodig hebben voor het volgen van onderwijs die meteen kunnen krijgen.
22 juni | BBB, CDA, CU, D66, SP, VVD | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma PvdD

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij ziet passend, toegankelijk en inclusief onderwijs als een kernwaarde [5]. Om de toegankelijkheid te vergroten, wil de partij geld en expertise vrijmaken voor onderwijsfaciliteiten [1] en extra investeren in de toegankelijkheid van scholen voor mensen met een beperking [2]. Daarnaast streeft de partij naar tijdige ondersteuning door de verbinding tussen onderwijs, gemeenten en jeugdzorg te versterken [3] en wil zij via maatwerk en samenwerking met leerlingen en ouders inspelen op persoonlijke zorg- en onderwijsbehoeften [4].

Argumenten tegen: Er worden in het programma geen argumenten aangevoerd die tegen de motie zouden pleiten.

Bronnen:

  1. "Er wordt geld en expertise vrijgemaakt om onderwijsfaciliteiten écht toegankelijk en inclusief te maken. Als een student bijvoorbeeld door lichamelijke klachten niet twee uur lang in de standaard collegebanken kan zitten, wordt er een aangepaste stoel geregeld en zorgt de onderwijsinstelling ervoor dat de student daar laagdrempelig gebruik van kan maken."
  2. "Het Rijk investeert extra in toegankelijkheid van alle scholen voor mensen met een beperking."
  3. "De verbinding tussen onderwijs, gemeenten en jeugdzorg wordt versterkt en gefaciliteerd, zodat leerlingen tijdig passende ondersteuning kunnen krijgen."
  4. "Er komen meer mogelijkheden om te voorzien in persoonlijke zorg- en onderwijsbehoeften door te experimenteren met maatwerk, en met een samenwerking tussen jeugdzorg en gespecialiseerd onderwijs. Dit gebeurt in overleg met leerlingen en ouders."
  5. "Leren is een recht en in de school is dan ook plek voor iedere leerling. Voor de Partij voor de Dieren is passend, toegankelijk en inclusief onderwijs daarom een kernwaarde. Bezuiniging na bezuiniging op het onderwijs door de vorige kabinetten heeft ertoe geleid dat klassen en scholen steeds groter werden en er minder ruimte beschikbaar is voor specifieke begeleiding. Dit leidt tot een gebrek aan aandacht voor individuele leerlingen en leerlingen die ondersteund moeten worden. Iedere leerling heeft recht op onderwijs dat past bij de persoonlijke mogelijkheden en talenten, in een veilige en prettige omgeving. De Partij voor de Dieren wil dat ieder kind een gelijke start krijgt. Er komt één gratis publieke voorschoolse voorziening voor alle kinderen, ook voor kinderen van niet-werkende ouders."