Onderzoek naar aanvallen op moskeeën

De regering moet onderzoek doen naar aanvallen op moskeeën en islamitische instellingen in Nederland. Er is meer inzicht nodig in de aard, de omvang en de achtergrond van deze incidenten.

Motie van het lid El Abassi over onderzoek verrichten naar aanvallen op moskeeën en islamitische instellingen in Nederland

De kamer, constaterende dat moskeeën en islamitische instellingen in toenemende mate doelwit zijn van incidenten; overwegende dat meer inzicht nodig is in de aard, omvang en achtergrond van deze incidenten; verzoekt de regering onderzoek te laten verrichten naar aanvallen op moskeeën en islamitische instellingen in Nederland.
23 juni | DENK |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij erkent dat de rechtsstaat en het democratische bestel onder druk staan door onder andere de terroristische dreiging van het jihadisme [3]. Daarnaast wil de partij intimidatie en het verhinderen van vreedzame bijeenkomsten aanpakken [2]. Ook is er aandacht voor de integriteit van moskeeën, waarbij de partij ongewenste beïnvloeding vanuit onvrije landen wil tegengaan [1].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten om tegen een onderzoek naar incidenten bij moskeeën en islamitische instellingen te stemmen.

Bronnen:

  1. "De Parlementaire ondervragingscommissie ongewenste beïnvloeding uit onvrije landen (POCOB) heeft verontrustende conclusies gepresenteerd. Uit het onderzoek blijkt dat bepaalde islamitische landen met geldstromen invloed uitoefenen in onder meer moskeeën en informeel islamonderwijs. Om dit tegen te gaan leggen we geldstromen uit onvrije landen aan banden. We streven er naar organisaties die dergelijke invloed uitoefenen te verbieden. Vaak zijn deze organisaties in andere landen om deze reden al verboden. Landen die onvrijheid of terrorisme subsidiëren worden gesanctioneerd. Hierin telt de dreigingsappreciatie van de NCTV zwaar mee. De Nederlandse regering stuurt geen afvaardiging naar sportevenementen in dergelijke landen."
  2. "Het grondrecht om te demonstreren is een groot goed. Het merendeel van de demonstraties verloopt vreedzaam, maar acties die de orde buitensporig verstoren of de rechten en vrijheden van andere mensen ernstig beperken, zijn in opkomst. Om dit gerichter aan te kunnen pakken, moeten de voorwaarden om te kunnen demonstreren waar nodig aangescherpt. Onderdeel daarvan is het verbod op gezichtsbedekkende kleding en het zo mogelijk verhalen van schade op de organisatoren. Daarnaast moet intimidatie en het op andere manier verhinderen van vreedzame bijeenkomsten worden tegengegaan door misbruik van het beginsel van zicht- en gehoorsafstand aan te pakken."
  3. "Vrijheid en democratie zijn niet vanzelfsprekend. Er is een oorlog gaande in Europa. Toenemende geopolitieke spanningen zorgen voor onzekerheid en een schemergebied tussen oorlog en vrede. In een instabiele wereld moeten Europa en Nederland meer op eigen benen staan om onze veiligheid en democratische rechtsorde te beschermen en weerbaarder te worden. De rechtsstaat en ons vrije democratische bestel staan niet alleen onder druk van (sabotage door) andere landen, maar ook door terroristische dreiging van het jihadisme, criminele ondermijning of extremistische netwerken die onze rechtsorde bedreigen."