Regering moet tegen Milieuomnibus stemmen

De regering moet zich aansluiten bij de minderheid die tegen de Milieuomnibus is. Deze regels zorgen waarschijnlijk voor minder bescherming van het milieu. Dit is vastgesteld door de onafhankelijke Commissie Mer.

Motie van de leden Kostić en Zalinyan over zich voor nu aansluiten bij een blokkerende minderheid bij de positiebepaling over de Milieuomnibus

De kamer, constaterende dat de Kamer de motie-Kostić (21501–08, nr. 1020) heeft aangenomen om te borgen dat vereenvoudigingen in de Europese weten regelgeving niet leiden tot extra schade aan gezondheid, natuur en milieu; constaterende dat de onafhankelijke Commissie mer heeft geconstateerd dat de Milieuomnibus waarschijnlijk een achteruitgang betekent voor de bescherming van het milieu; verzoekt de regering om zich voor nu aan te sluiten bij de blokkerende minderheid bij de positiebepaling over de Milieuomnibus.
24 juni | PvdD | Verworpen: 33–114 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: tegen (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: Het programma geeft weinig directe argumenten om de Milieuomnibus te blokkeren, behalve de wens dat wetgeving niet ondoordacht verandert [1].

Argumenten tegen: De partij wil 'het mes in het regelwoud' zetten en alle wet- en regelgeving doorspitten om alleen de noodzakelijke regels te behouden [2]. Dit omvat specifiek het schrappen van koppen op Europese regelgeving [2][5] en het voorkomen dat regels strenger worden geïnterpreteerd dan strikt noodzakelijk [2][5]. Daarnaast stelt de partij dat Nederland vastloopt door een overdaad aan regels, procedures en richtlijnen [3], en wil zij de regeldruk verminderen om de voortgang in het land te herstellen [3][4].

Bronnen:

  1. "Minder regelzucht, betere wetgeving: We zien nu te vaak dat de Tweede Kamer regel op regel stapelt, steeds om extra onderzoek vraagt en te vaak wetgeving ondoordacht verandert. Bij alle wetsbehandelingen kijken we hoe wetten efficiënter, simpeler en goedkoper kunnen worden. We maken meer tijd voor de behandeling van wetten en willen dat amendementen zoveel mogelijk voor aanvang van een debat worden ingediend en dat in het geval van ingrijpende amendementen er een week zit tussen het moment van indienen en de stemming over de amendementen. Bij ingrijpende amendementen moet het de standaard worden dat er een uitvoeringstoets wordt gedaan. Indien partijen de belastingen willen verhogen per amendement, moet altijd eerst in kaart worden gebracht wat het effect is voor het vestigingsklimaat en voor de koopkracht van werkende Nederlanders."
  2. "Rigoureus het mes in het regelwoud: We lichten alle wet- en regelgeving door en behouden alleen de regels die evident noodzakelijk zijn. We schrappen koppen op Europese regelgeving, vragen van alle overheidsorganisaties om regels niet strenger te interpreteren dan strikt noodzakelijk, versimpelen subsidievoorwaarden, beperken aanbestedingsregels tot de Europese ondergrens, verminderen onnodige complexiteit en geven professionals beslisruimte bij uitvoering van beleid, zodat minder regels nodig zijn. Als het Adviescollege Toetsing Regeldruk zegt dat een regel overbodig is, voeren we de regel in principe niet in."
  3. "Terwijl Nederland vooruit moet, loopt het land vast in regels en procedures. Door een overdaad aan beleidsstukken, regels, procedures, richtlijnen en juridische hoepels en een gebrek aan aandacht voor mensen, hebben we nu een overheid die overal over gaat, maar op weinig levert. De lijst voorbeelden is lang en lijkt eindeloos. Een vergunning voor bijvoorbeeld de uitbreiding van het stroomnet kost nu gemiddeld acht jaar. De bouw van huizen wordt steevast vertraagd door procedures. Zo'n 20% van de zorgmedewerkers geeft aan meer dan de helft van de tijd met administratie bezig te zijn. En zo zijn er nog talloze voorbeelden te noemen van een overheid die zichzelf en de samenleving aan een ketting van wetten, regels en procedures heeft gelegd. Dit zorgt ervoor dat we niet of veel te traag leveren op de prioriteiten van dit land. We zijn amper nog in staat om te bouwen en grote ambities te verwezenlijken. Dit leidt tot stilstand en achteruitgang. Dat kunnen we ons niet veroorloven in een onzekere wereld waarin alles wat ons dierbaar is op het spel staat. Daarom moet het roer om. En snel."
  4. "We stoppen vertraging in wetgeving: De doorlooptijd van maatschappelijke wens tot daadwerkelijke realisatie van beleid is nu vaak jaren. Om dit in te korten zetten we het mes in de hoeveelheid adviesorganen, adviescolleges, taskforces, commissies, zelfstandige bestuursorganen, etcetera. We waarderen extern advies, maar we willen ook snelheid. We rekenen topambtenaren af op het verminderen van onnodig procesmatig papierwerk en afvinklijstjes bij nieuw beleid en we verkorten procedures die voorafgaan aan indiening van een wet. We verkorten waar mogelijk beslistermijnen. Bij grote vraagstukken wijzen we aan welk ministerie doorzettingsmacht heeft, zodat problemen sneller worden opgelost."
  5. "Een meetbare doelstelling voor minder en betere regels: Een kapper die papieren moet invullen, kan minder mensen knippen op een dag. Een horecabaas die kosten maakt om aan regelgeving te voldoen, moet de prijs van zijn eten verhogen. We hanteren daarom een meetbare doelstelling om het aantal onnodige regels te verminderen en houden de verantwoordelijk minister daar strak aan. Regels die anders moeten, zijn bijvoorbeeld de Risico Inventarisatie en Evaluatie, de bijschrijfplicht in de horeca en het Digitaal Opkopersregister. We schrappen de verplichting voor ondernemers om bij te houden of hun personeel met de fiets, auto of het openbaar vervoer naar kantoor is gekomen. Ook moet het voor het CBS mogelijk worden om, als de ondernemer daar toestemming voor geeft, voor onderzoeksdoeleinden automatisch relevante gegevens over de onderneming uit te lezen, zodat het minder tijd kost deze informatie aan te leveren. We ontwikkelen regelvrije zones, waar tijdelijk en gecontroleerd wet- en regelgeving kan worden opgeschort om innovatie te bevorderen. We bieden hiervoor de juiste juridische grondslag. We beperken koppen op EU-wetgeving, en interpreteren regels niet strenger dan in andere EU-lidstaten. We doen dus niet meer dan dat de EU-van ons vraagt."