De regering moet zorgen voor meer fysieke en onaangekondigde controles bij Veilig Thuis (de instantie die hulp biedt bij huiselijk geweld). Het huidige toezicht is niet betrouwbaar, omdat het te veel vertrouwt op informatie die de locaties zelf doorgeven. Er zijn nu te weinig echte bezoeken op locatie uitgevoerd. Meer controles zorgen voor concrete verbeteringen in het hele systeem.
Motie van de leden Becker en Coenradie over meer onaangekondigde bezoeken aan Veilig Thuis
De kamer,
constaterende dat de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd verantwoordelijk is voor toezicht op Veilig Thuis;
constaterende dat het laatste rapport over het functioneren van Veilig
Thuis gebaseerd is op drie fysieke bezoeken en voor d rest op
rapportage van Veilig Thuislocaties zelf;
verzoekt de regering op basis van het nieuwe inspectiekader voor Veilig
Thuis het gesprek met IGJ aan te gaan met als inzet het aantal fysieke en
onaangekondigde bezoeken aan Veilig Thuis op te schroeven en met
concrete aanbevelingen te komen voor verbeteringen op locaties en in het
stelsel als geheel.
Argumenten voor: De partij stelt dat de overheid verantwoordelijk is voor deugdelijk toezicht op het kind wanneer de thuissituatie derhalve niet langer toereikend is en er moet worden ingegrepen [1]. Een verhoging van het aantal fysieke en onaangekondigde bezoeken draagt bij aan het waarborgen van dit toezicht en de veiligheid van kinderen [1].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten die tegen strenger toezicht of een intensievere inspectie van instellingen voor de veiligheid van kinderen pleiten.
Bronnen:
"Het is een pijnlijke realiteit dat het ondersteunen van gezinnen en gemeenschappen en de inzet van vrijwillige jeugdhulp niet altijd toereikend is om kinderen een veilige situatie te bieden. De omstandigheden thuis kunnen zo bedreigend worden dat ingrijpen noodzakelijk is. Die situaties dienen zoveel mogelijk beperkt te worden. Als toch ingegrepen moet worden, is de overheid verantwoordelijk voor deugdelijk toezicht op het kind en beschikbaarheid van voldoende goede hulp. De inzet is zoveel mogelijk gericht op terugkeer naar het gezin, tenzij duidelijk blijkt dat dit in strijd is met het belang van het kind."