Huisvesting voor dakloze moeders en kinderen

De regering moet samen met gemeenten snel zorgen voor huisvesting voor dakloze moeders en hun kinderen. Tientallen gezinnen leven nu op straat. Hierdoor riskeren kinderen dat ze door Veilig Thuis (een instantie die ingrijpt bij onveilige situaties) uit huis worden geplaatst of onder toezicht komen te staan.

Motie van het lid Diederik van Dijk over met spoed maatregelen treffen om dak- en thuisloze moeders en hun kinderen van onderdak te voorzien

De kamer, constaterende dat tientallen dak- en thuisloze moeders met hun kinderen op straat leven; constaterende dat deze kinderen via een Veilig Thuismelding te maken kunnen krijgen met ondertoezichtstelling en scheiding van hun moeder; overwegende dat een duurzame oplossing voor deze gezinnen lang op zich laat wachten; verzoekt de regering om in samenspraak met gemeenten met spoed maatregelen te treffen, zodat deze moeders en kinderen onderdak krijgen, en te voorkomen dat deze kinderen onder toezicht gesteld worden.
24 juni | SGP | Aangenomen: 84–66 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij erkent dat het aantal daklozen toeneemt en dat gezinnen in ongewone en moeilijke situaties leven [1]. De partij stelt dat het belang van het kind altijd centraal moet staan bij besluiten over zorg [2]. Daarnaast pleit de partij voor nationale sturing om de woningcrisis aan te pakken [3] en vindt de partij dat iedereen recht heeft op een thuis [4], waarbij zij ook specifieke oplossingen noemt die families bij elkaar houden [3].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen het bieden van onderdak aan dakloze moeders en kinderen of tegen het voorkomen van de scheiding van moeder en kind te stemmen.

Bronnen:

  1. "Ook het aantal daklozen in ons land neemt steeds verder toe. Gezinnen die met kinderen in een garagebox wonen, lijkt ondertussen de normaalste zaak van de wereld. Terwijl zij jarenlang op een wachtlijst staan, neemt de druk op de woningmarkt steeds verder toe. Ook migratie speelt een rol in de woningopgave: opvanglocaties nemen woonruimte in beslag en de toestroom vergroot de druk op gemeenten, voorzieningen en de leefomgeving."
  2. "Kinderen uit de knel. Besluiten met betrekking tot zorg en GGZ moeten altijd nadrukkelijk van meet af aan het belang van het kind meenemen, niet pas wanneer zaken uit de hand lopen."
  3. "Na jaren van stilstand komt er eindelijk beweging. In een nationale woningcrisis is nationale sturing nodig. Er staat weer een ministerie dat wonen serieus neemt. Provincies en gemeenten kunnen alleen verder als het Rijk helpt om door te pakken. Met Mona Keijzer als minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening pakt BBB door waar anderen bleven steken. Denk aan tijdelijke doorstroomwoningen voor starters, gescheiden mensen en statushouders. Aan kleine woningen in de achtertuin die families bij elkaar houden. Aan commissie STOER (Schrappen Tegenstrijdige en Overbodige Regelgeving) die korte metten maakt met onnodige regels. Aan nieuwe uitbreidingsen versnellingslocaties die echt helpen. De koers is ingezet. BBB levert, nu en in de komende jaren. Want de woningcrisis vraagt om lef én gezond verstand."
  4. "Jong of oud, starter of doorstromer, iedereen moet kunnen wonen in zijn eigen dorp, stad of regio. Dat vraagt om nieuwbouw én om slimmer gebruik van bestaande woningen en gebouwen. Nu zijn huizen vaak onnodig duur. Minder regels en meer ruimte ontstaan als we vertrouwen geven, in plaats van alles dicht te regelen vanuit Den Haag. Want bouwen doe je samen: met bouwers, woningcorporaties, gemeenten, marktpartijen én woningzoekenden. Samen bouwen is samen leven. Iedereen verdient een thuis."