Hulp bij de nieuwe Omgevingswet

De regering moet de ondersteuning voor gemeenten en provincies bij de Omgevingswet voortzetten en versterken. De nieuwe wet verandert de manier van werken volledig. Goede hulp is nodig voor een goede uitvoering en om onduidelijkheid te voorkomen.

Motie van het lid Mooiman c.s. over de ondersteuning van bevoegd gezagen die werken met de Omgevingswet waar nodig intensiveren

De kamer, constaterende dat de Omgevingswet een omvangrijke stelselwijziging betreft die om nieuwe werkwijzen vraagt van gemeenten, provincies, waterschappen en andere bevoegd gezagen; overwegende dat voldoende ondersteuning en kennisdeling bijdragen aan een consistente en kwalitatief goede uitvoering van de wet; verzoekt de regering de ondersteuning van bevoegd gezagen bij het leren werken met de Omgevingswet te continueren en waar nodig te intensiveren, zodat de kwaliteit van de uitvoering wordt versterkt en onduidelijkheden worden verminderd.
25 juni | PVV, CU, JA21 | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij wil dat de overheid, waarbij het Rijk samen met provincies en gemeenten de regie voert, zorgt voor kracht in de uitvoering van beleid [4]. De landelijke overheid dient als regisseur op te treden door duidelijke doelen en stabiele regels te bieden, en succesvolle voorbeelden nationaal deelbaar te maken [2]. Daarnaast wordt het belangrijk gevonden dat het Rijk de leiding neemt om zaken voor gemeenten makkelijker te maken en voor ondernemers duidelijker [1]. De partij streeft naar een overheid die grote uitdagingen aanpakt en daadwerkelijk levert [5].

Argumenten tegen: De partij stelt dat er binnen de gestelde kaders van het Rijk ruimte moet zijn voor medeoverheden en uitvoeringsorganisaties om zelf met oplossingen te komen [3].

Bronnen:

  1. "Gemeenten krijgen hulp bij het invoeren van emissievrije zones. Het Rijk neemt hierin de leiding waardoor het voor gemeenten makkelijker wordt om in te voeren en voor ondernemers duidelijker waar ze aan moeten voldoen."
  2. "De landelijke overheid blijft regisseur: duidelijke doelen, stabiele regels en voldoende geld. Wat op de ene plek werkt, delen we nationaal. Succesvolle voorbeelden - zoals van ruilverkaveling of beloningen bij het behalen van doelen - maken we zichtbaar en bruikbaar voor andere regio's."
  3. "In plaats van eindeloos vergaderen over beleid, gaan we vaker snel van start en sturen we bij waar nodig. We laten ruimte voor medeoverheden en uitvoeringsorganisaties om zelf met oplossingen te komen, binnen de doelen en kaders die het Rijk daarvoor stelt."
  4. "In ons dichtbevolkte land kan niet alles en zeker niet alles tegelijk. We moeten dus keuzes maken. D66 kiest voor wat goed is voor de generaties na ons en niet langer alleen voor wat economisch het meest oplevert op korte termijn. Voor zo'n aanpak is regie en kracht in de uitvoering van beleid nodig. D66 wil dat de overheid, Rijk samen met provincies en gemeenten, die regie weer actief voeren. Per gebied spreken we met inwoners en betrokkenen over de keuzes die nodig zijn en over hoe die keuzes met elkaar samenhangen. Denk aan keuzes om de krapte op de woningmarkt aan te pakken, de leefomgeving beter in te richten op het veranderende klimaat, de natuur te versterken en de overbelasting van het stroomnet op te lossen. Samen vinden we oplossingen die bijdragen aan een leefbaar en groen Nederland. En door goede samenwerking kunnen verstedelijking, verduurzaming van de landbouw, versterking van de natuur, de energietransitie en klimaatadaptatie elkaar juist versterken."
  5. "Nederland verdient een overheid die niet alleen belooft, maar levert. Een overheid die die grote uitdagingen van onze tijd durft aan te pakken - van wonen en klimaat tot onderwijs en veiligheid. Én die de menselijke maat in het oog houdt. Dat betekent dat we eerlijk zijn over de kosten van onze ambities en duidelijk maken hoe we hiervoor betalen."