De regering moet bij de nieuwe nationale grondbank voorrang geven aan de volkshuisvesting bij het verdelen van grond. Zonder voldoende grond is het niet mogelijk om belangrijke maatschappelijke doelen te halen, zoals het bouwen van woningen.
Motie van het lid Mooiman over bij de uitwerking van de nieuwe grondbank de volkshuisvestelijke opgave zo veel mogelijk prioriteit geven
De kamer,
constaterende dat het kabinet bezig is met de uitwerking van een nieuwe
nationale grondbank;
overwegende dat de beschikbaarheid van grond een belangrijke randvoorwaarde is voor het realiseren van maatschappelijke opgaven, waaronder
de volkshuisvestelijke opgave;
verzoekt de regering bij de uitwerking van de nieuwe grondbank de
volkshuisvestelijke opgave zo veel mogelijk prioriteit te geven bij de
verdeling en inzet van beschikbare gronden.
Argumenten voor: De partij wil meer centrale regie vanuit het Rijk op de ruimtelijke ordening en de bouwproductie [3][5]. Daarnaast is er een duidelijke focus op het bouwen van grote nieuwe woonwijken met sturing vanuit Den Haag [4][2] en het inzetten van middelen voor de realisatie van betaalbare koopwoningen [1][6].
Argumenten tegen: De partij wil juist de bouwregels schrappen en andere betaalbaarheidseisen loslaten om de bouw aan te jagen en de markt meer ruimte te geven [3][6]. Men zou kunnen redeneren dat het verplicht stellen van prioriteiten bij de verdeling van grond een vorm van sturing is die de marktwerking kan beperken.
Bronnen:
"Meer betaalbare koopwoningen: We zetten Rijksmiddelen vooral in voor de bouw van betaalbare koopwoningen. Wel willen we grondspeculatie tegengaan. Immers, als grond wordt vastgehouden om winst te maken in plaats van te bouwen, stijgen de prijzen en vertraagt de woningbouw."
"Bouwen, bouwen, bouwen: De manier om het woningtekort op te lossen is door meer te bouwen. Daarom gaan we vanuit het Rijk grote woonwijken met betaalbare huizen aanwijzen. We bouwen met sturing vanuit het Rijk dertig nieuwe grootschalige woonwijken en maken het voor gemeenten makkelijker om veel meer huizen te laten bouwen. Dat willen we zowel in dichtbevolkte gebieden, zoals Utrecht, als dunbevolkte gebieden, zoals Flevoland. We kiezen ervoor om meer huizen te bouwen aan de randen van steden of dorpen. Daar is bouwen goedkoper. We zorgen ervoor dat deze wijken goed ingericht zijn op het gebied van energie, sportvoorzieningen, water en groen. Openbaar vervoer hoort in de buurt te zijn."
"De tweede keuze die we moeten maken is of we de woningmarkt blijven vastzetten met regels, of zorgen voor groei door eindelijk weer ruimte geven te aan de markt. De VVD kiest voor dat tweede. Er moeten veel meer woningen bij. Alleen dan komt die eigen plek weer in beeld voor iedereen die hard werkt aan de toekomst. We werken aan veel meer nieuwbouw én meer ruimte in de bestaande bouw. Ook aan doorstroming is belangrijk. Want alleen als er aantrekkelijke seniorenwoningen of betaalbare doorgroeiwoningen bijkomen, komen empty nesters en scheefwoners in beweging. We gaan flink schrappen in bouwregels en nemen maatregelen die de betaalbaarheid van koop- én huurhuizen vergroten. De rem op bouwen moet eraf. Dat vraagt om centrale regie. Ruimtelijke ordening kan niet langer alleen bij gemeenten liggen, want er zijn meer locaties nodig dan nu beschikbaar komen. Wij kiezen voor meer regie, meer doorstroming, meer huizen, maar minder regels. Een functionerende woningmarkt waar je met een normaal salaris een goed huis kunt bemachtigen."
"Bouwen, bouwen, bouwen: de manier om het woningtekort op te lossen is door meer te bouwen. Niet alleen een straatje erbij, maar hele nieuwe wijken. We gaan flink wat bouwregels schrappen, zodat die huizen ook snel gebouwd worden. We bouwen dertig nieuwe grootschalige woonwijken met sturing vanuit Den Haag en maken het voor gemeenten makkelijker om veel meer huizen te laten bouwen."
"Bouwbonus en regie: Het Rijk krijgt de regie op de ruimtelijke ordening en bouwproductie terug. Gemeenten die bouwrecords breken krijgen een financiële bonus om in nieuwe woningbouwplannen te investeren. Gemeenten die achterlopen op de bouwplannen krijgen hulp van het ministerie om de woningbouwproductie op te schalen."
"Een Betaalbare koopwet: Hierin leggen we vast dat overheidsgeld met name naar betaalbare koopwoningen gaat. Per regio bestaan bouwprojecten voor 25% uit betaalbare koopwoningen. Alle overige (projectmatige) betaalbaarheidseisen laten we in principe los om de bouw aan te jagen."