Gelijk speelveld voor de industrie

De regering moet de Bedrijfseffectentoets (een onderzoek naar de gevolgen van regels voor bedrijven) uitbreiden. Er moet een toets komen op het gelijke speelveld met buurlanden. Strengere regels in Nederland dan in het buitenland zorgen namelijk voor hogere kosten en onzekerheid. De concurrentiepositie van de Nederlandse industrie staat nu al onder grote druk.

Motie van het lid Flach over de Bedrijfseffectentoets per 1 november 2026 uitbreiden met een toets op gelijk speelveld

De kamer, constaterende dat in het coalitieakkoord is afgesproken nieuw industriebeleid standaard te toetsen op de gevolgen voor het gelijke speelveld met omringende landen teneinde het tempo van de verduurzaming van industrie te borgen, maar dat hiervoor geen uniforme toets bestaat; overwegende dat een striktere nationale invulling dan in buurlanden kan leiden tot hogere kosten, langere procedures en meer onzekerheid voor bedrijven, terwijl de concurrentiepositie van onze industrie al onder grote druk staat; verzoekt de regering de Bedrijfseffectentoets per 1 november 2026 uit te breiden met een toets op gelijk speelveld bij nieuw beleid en regelgeving met substantiƫle gevolgen voor industriƫle bedrijven, waarbij in ieder geval verschillen met relevante buurlanden worden beoordeeld op gevolgen voor onder meer concurrentiepositie, kosten en werkbaarheid, waaronder verschillen in de invulling van open normen, lidstaatopties, lagere regelgeving, beleidsregels, vergunningverlening, toezicht en handhaving; verzoekt de regering tevens bij de nationale invulling van Europese beleidsruimte als uitgangspunt te hanteren dat deze niet strikter is dan in buurlanden, tenzij zwaarwegende publieke belangen anders vereisen, en afwijkingen expliciet te motiveren.
30 juni | SGP |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma 50plus

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij stelt dat er voor iedereen binnen Europa dezelfde regels moeten gelden en spreekt zich uit tegen extra nationale regels bovenop Europese afspraken [1]. Voor de concurrentiepositie van Nederland is het essentieel dat de beprijzing van CO2 op Europees niveau plaatsvindt [2] en de partij wil het nationale klimaatbeleid zelfs uitfaseren zodra de Europese CO2-beprijzing wordt opgeschaald [4]. Bovendien wordt gewaarschuwd dat symboolpolitiek en het streven om voorop te lopen de Nederlandse welvaart kunnen schaden [3], en dat slecht uitgevoerd beleid op het gebied van energie en klimaat de economische aansluiting van Nederland bij de wereldtop in gevaar brengt [5].

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten die een argument bieden tegen het toetsen van beleid op het gelijk speelveld met buurlanden of tegen het voorkomen van strengere nationale regels.

Bronnen:

  1. "Dezelfde regels voor iedereen binnen Europa. Dus geen nationale CO2-heffingen en geen extra regels bovenop de Europese afspraken."
  2. "Het optimaal beprijzen van CO2 op Europees niveau, zodat CO2-reductie wordt versneld zonder de concurrentiepositie van Nederland aan te tasten."
  3. "De wens om voorop te lopen, vaak met symboolpolitiek, was sterker dan een werkelijke toewijding aan vermindering van de CO2-uitstoot of aan het beschermen van de Nederlandse welvaart. Dat vraagt om nieuwe maatregelen en correctie van al bestaande maatregelen."
  4. "Uitfasering van het nationale klimaatbeleid, nadat gezamenlijk is besloten om het Europese beprijzen van CO2 op te schalen."
  5. "Slecht doordachte en slecht uitgevoerde plannen op het terrein van energie, klimaat, stikstof en natuurbeleid, hebben ervoor gezorgd dat Nederland zijn aansluiting bij de economische top van de wereld dreigt kwijt te raken. Het elektriciteitsnet is verstopt, kwetsbaar en de prijzen zijn extreem hoog in vergelijking met andere landen."