De regering moet bij toekomstige onderzoeken naar het gemeentefonds ook kijken naar de totale omvang van het fonds. Het geld moet namelijk passen bij de wettelijke en maatschappelijke taken van gemeenten. Een eerlijkere verdeling is niet genoeg als er simpelweg te weinig geld beschikbaar is.
Motie van het lid Vermeer over bij onderzoeken naar de verdeling van het gemeentefonds de omvang van het gemeentefonds meenemen in relatie tot het gemeentelijke takenpakket
De kamer,
constaterende dat het vervolgonderzoek naar het gemeentefonds zich
enkel richt op de verdeling van bestaande middelen;
overwegende dat een eerlijkere verdeling van te weinig geld nog steeds te
weinig geld blijft;
overwegende dat gemeenten alleen goed kunnen functioneren als de
omvang van het gemeentefonds past bij hun wettelijke en maatschappelijke taken;
verzoekt de regering om bij toekomstige onderzoeken naar de verdeling
van het gemeentefonds ook nadrukkelijk de omvang van het gemeentefonds in relatie tot het gemeentelijke takenpakket mee te nemen.
Argumenten voor: De partij bekritiseert het louter herschikken van de bestaande begroting of het anders verdelen van de 'punten van de taart' [3]. Zij stellen dat de huidige doorrekeningssystematiek zich te veel beperkt tot het becijferen van korte termijn effecten binnen bestaande kaders en dat dit niet te verwarren mag worden met de noodzakelijke visie op de hoofdrichting van het land [1][4]. De motie, die vraagt om bij onderzoeken ook de omvang van het fonds in relatie tot het takenpakket mee te nemen in plaats van enkel de verdeling van bestaande middelen, sluit aan bij de wens om verder te kijken dan de huidige beperkte begrotingskaders [3][1].
Argumenten tegen: De partij streeft naar een kleinere overheid, waarbij de Rijksoverheidsuitgaven verplicht elk jaar met 3% moeten krimpen [2]. Het verzoek om de omvang van het gemeentefonds te toetsen aan het takenpakket zou kunnen leiden tot de conclusie dat er meer middelen nodig zijn, wat in strijd kan zijn met het doel om de overheid te verkleinen [2].
Bronnen:
"Deze zelfbeperking van het CPB vinden wij problematisch. Want het gaat ons er nu juist om, een aantal hoofdlijnen van het huidige beleid - zoals het klimaatbeleid en het sluiten van het Groninger gasveld - te heroverwegen. Wij vinden dat we ons bij verkiezingen met zijn allen moeten afvragen: was datgene wat we tot nu toe hebben gedaan eigenlijk wel zo verstandig? Of moeten we ons beleid wellicht fundamenteel herzien? Als dat soort vragen buiten de reikwijdte van het CPB vallen - wat héb je dan aan een ' doorrekening'?"
"Kleinere overheid De Rijksoverheidsuitgaven moeten verplicht ieder jaar 3% krimpen, zodat de overheid niet groter maar kleiner wordt."
"Wanneer je louter in het bestaande beleidskader voor de komende vier jaar blijft hangen, kun je je nooit oriënteren op de hoofdrichting, de 'megatrend'. En ben je dus slechts bezig de bestaande begroting te herschikken, de punten van de taart anders te verdelen - maar niet met het bakken van een veel grotere taart of een geheel andersoortig gerecht."
"Je kunt hetzelfde ook anders zeggen: de doorrekeningssystematiek van het CPB is een ambtelijk rekenmodel dat geschikt is om op korte termijn te becijferen hoeveel overheidsgeld beschikbaar komt voor bepaalde acute maatregelen. Het laat (bij benadering) zien wat er morgen gebeurt met de zorgkosten als je vandaag de orthodontist in het basispakket opneemt. Het is een vorm van huishoudkunde die nuttig kan zijn wanneer je de kwartaalbegroting opstelt - maar die we niet moeten verwarren met de visie, de hoofdrichting die we als land op willen."