Visie op de toekomst van de landbouw

De regering moet een visie maken voor de toekomst van de Nederlandse landbouw. Het stikstofpakket heeft namelijk grote gevolgen voor de sector. In deze visie moet ook staan hoe boeren hun geld gaan verdienen en welke rol de rest van de keten (zoals de handel en verwerking) speelt.

Motie van het lid Beckerman over een brede toekomstvisie voor de landbouw

De kamer, constaterende dat het stikstofpakket vergaande gevolgen heeft voor de landbouwsector maar dat het ontbreekt aan een expliciete, bredere visie op de toekomst van de landbouw in Nederland; verzoekt de regering om zo’n visie te formuleren en daar ook een visie op het verdienmodel van boeren en de rol van de gehele keten in op te nemen.
1 juli | SP | Verworpen: 45–105 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CDA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij streeft naar regie op de ontwikkeling van de agrarische sector [2] en wil dat het Rijk een langjarig commitment geeft om gezonde bedrijven mogelijk te maken [4]. Daarnaast wordt expliciet gesteld dat ketenpartijen, zoals supermarkten, verwerkers en banken, hun verantwoordelijkheid moeten nemen en boeren financieel moeten helpen bij de transitie naar een duurzame landbouw [3]. Ook wordt het belang van een eerlijke prijs voor het geproduceerde voedsel benadrukt [1].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen een bredere visie op de landbouw te stemmen; de nadruk ligt juist op de noodzaak van regie, langjarig beleid en de betrokkenheid van de gehele keten.

Bronnen:

  1. "We moeten de komende periode een groot aantal grote vraagstukken tegelijk aanpakken. Voor boeren en vissers een eerlijke prijs voor het voedsel dat ze produceren, ruimte om te kunnen ondernemen, grond die betaalbaar is. Voor toekomstperspectief voor jonge boeren, zodat ze de transitie kunnen meemaken. De natuur moet worden versterkt, door investeringen in waterbeschikbaarheid en reductie van stikstofdepositie. In de wereldwijd erkende wetenschappelijke positie rondom landbouw en natuur blijven we investeren met overheid, kennisinstellingen en bedrijven."
  2. "Voedselzekerheid is een essentiële waarde in ons landbouwbeleid. Er komt regie op ontwikkeling van de sector. Gronden en bedrijfslocaties van boeren zonder bedrijfsopvolgers moeten met behulp van regie en stimulerende regelingen vanuit de overheid, worden verschoven naar de (jonge) boeren die door willen. Hierbij hoort langjarig structuurbeleid."
  3. "Elk gebied is uniek en verdient een eigen aanpak, beleid en maatregelen, die werkelijk bijdragen aan betere natuur en uitvoerbaar zijn op het boerenerf. In samenwerking met de gehele sector en medeoverheden komen er geborgde maatregelenpakketten die zekerheid én ruimte bieden voor de uitwerking hiervan. Ook ketenpartijen - zoals supermarkten, verwerkers en banken - moeten hun verantwoordelijkheid nemen en boeren helpen bij de transitie naar duurzame landbouw, ook financieel. Zo werken we samen aan een gezonde, toekomstbestendige landbouwsector."
  4. "Het Rijk geeft langjarig commitment om fatsoenlijke bedrijfsvoering en gezonde bedrijven mogelijk te maken. Ook milieugebruiksruimte wordt vastgesteld voor de lange termijn."