De regering moet via de Europese Unie de sancties tegen Iran behouden. Het Iraanse regime schendt de mensenrechten op grote schaal door geweld en onderdrukking van vrouwen, minderheden en demonstranten. Bij toekomstige onderhandelingen met Iran moeten de rechten van deze groepen en het democratisch middenveld centraal staan.
Motie van het lid Van der Werf over zich in EU-verband inzetten voor het onverkort handhaven van de mensenrechtensancties tegen Iran
De kamer,
constaterende dat het Iraanse regime zich op grote schaal schuldig maakt
aan ernstige mensenrechtenschendingen;
overwegende dat sanctieverlichting als onderdeel van een eventuele deal
niet los kan worden gezien van binnenlandse repressie, executies en de
onderdrukking van vrouwen, minderheden en demonstranten;
verzoekt de regering zich in EU-verband in te zetten voor het onverkort
handhaven van de mensenrechtensancties tegen Iran zolang de repressie
voortduurt, en de positie van vrouwen, het democratisch middenveld en
minderheden nadrukkelijk aan de orde te stellen bij eventuele toekomstige
onderhandelingen met het Iraanse regime.
Argumenten voor: De partij stelt dat beleid gericht moet zijn op het versterken van de rechten van alle mensen [1] en dat de rechten van mensen niet ten koste mogen gaan van economische belangen [1].
Argumenten tegen:
Bronnen:
"Eerlijke handel. Mondiale vrijhandel is gericht op winstmaximalisatie van multinationals en het achtergesteld houden van het Mondiale Zuiden. Dit gaat ten koste van de rechten van mensen, werknemers, dieren en het milieu. Vrijhandelsverdragen zoals CETA en MERCOSUR stellen de rechten van bedrijven centraal. Wij verzetten ons tegen deze handelsverdragen. Ons handelsbeleid moet gericht zijn op het vergroten van de welvaart van alle mensen en het versterken van ieders rechten."