Onderscheiding voor MH17-militairen

De regering moet de militairen die betrokken waren bij MH17 een officiële onderscheiding geven. Deze militairen hebben de slachtoffers van de neergestorte Boeing 777 veiliggesteld en naar huis gebracht. Hun bijzondere inzet verdient een passende vorm van erkenning.

Motie van het lid Piri c.s. over het toekennen van een onderscheiding aan militairen die zich hebben ingezet voor veiligstelling en repatriëring van MH17-slachtoffers

De kamer, constaterende dat de militairen die zich hebben ingezet voor de veiligstelling en repatriëring van de slachtoffers van vlucht MH17 hiervoor weliswaar een herinneringsbeeldje hebben ontvangen, maar geen onderscheiding; overwegende dat de inzet van deze militairen, inmiddels bijna twaalf jaar geleden, een passende vorm van erkenning verdient; verzoekt de regering alsnog over te gaan tot toekenning van een passende onderscheiding aan de militairen die zich hebben ingezet voor de veiligstelling en repatriëring van de slachtoffers van vlucht MH17, en de Kamer hierover voor Prinsjesdag 2026 te informeren.
2 juli | CDA, D66, DENK, JA21, Markusz, PVV, SP, VVD |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij stelt dat militairen persoonlijke offers brengen voor de veiligheid, wat de samenleving de verplichting geeft om hen en hun naasten goede ondersteuning te bieden [1]. Daarnaast is er binnen het programma aandacht voor het belang van investeren in herdenking en erkenning [2].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten die tegen het toekennen van een onderscheiding aan militairen pleiten.

Bronnen:

  1. "Militairen en hun naasten brengen persoonlijke offers voor onze veiligheid. Dit verplicht de samenleving om militairen, hun thuisfront en veteranen goede ondersteuning te bieden in de vorm van goed personeelsbeleid en goed(e) veteranenzorg en -beleid. Met de groei van defensie, groeit de geestelijke verzorging navenant mee."
  2. "Het koloniale verleden van Nederland in Indonesië, Suriname en de Caribische delen van ons koninkrijk schept bijzondere verplichtingen jegens die landen en haar inwoners. We erkennen de zonde van het slavernijverleden en hebben oog voor de wijze waarop dit nog altijd doorwerkt in onze samenleving. Daarom wordt er geïnvesteerd in educatie en in herdenken en vieren (Keti Koti). En de verblijfsregeling voor ongedocumenteerd geraakte Surinaamse oud-Nederlanders wordt tijdelijk hervat."