Regels voor de import van wapens

De regering moet regels opstellen voor de import van wapens en defensiematerieel. Dit is nodig om te voorkomen dat Nederland bijdraagt aan oorlogsmisdaden of schendingen van de mensenrechten.

Motie van het lid Van Baarle over een mensenrechtelijk en internationaalrechtelijk toetsingskader voor de import van defensiematerieel

De kamer, constaterende dat Nederland bij wapenexport toetst aan mensenrechten en internationaal recht, maar dat een vergelijkbaar eenduidig kader ontbreekt bij de import van defensiematerieel; overwegende dat ook bij de inkoop van wapens en defensiesystemen moet worden voorkomen dat Nederland bijdraagt aan oorlogsmisdaden, mensenrechtenschendingen of ernstige schendingen van het internationaal humanitair recht; verzoekt de regering om een mensenrechtelijk en internationaalrechtelijk toetsingskader op te stellen voor de import van defensiematerieel.
2 juli | DENK | Verworpen: 56–94 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij stelt dat internationale rechtsbeginselen, zoals het humanitair oorlogsrecht, de kern van het buitenlands beleid vormen [3]. Daarnaast wil de partij dat internationale handel voldoet aan gedragsregels [2] en dat producten die in strijd zijn met internationale afspraken op het gebied van mensenrechten worden geweerd [4]. Ook het uitgangspunt dat regels voor Nederlandse bedrijven ook van kracht moeten zijn op geïmporteerde goederen [1] en het streven naar internationale regulering van militaire middelen vanwege morele vragen [5] ondersteunen het verzoek om een toetsingskader voor import.

Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten die tegen het instellen van een mensenrechtelijk en internationaalrechtelijk toetsingskader voor de import van defensiematerieel pleiten.

Bronnen:

  1. "Regels die voor Nederlandse bedrijven gelden, zijn ook van kracht op geïmporteerde goederen. Het kan en mag niet zo zijn dat Nederlandse productie die voldoet aan de hoogste standaarden wordt weggeconcurreerd doordat vergelijkbare producten met lagere standaarden wel geïmporteerd mogen worden, zoals gebeurt met dierlijke producten."
  2. "We willen dat iedereen beter wordt van internationale handel. Internationale handel wordt in toenemende mate ingezet als een geopolitiek instrument. Nederland moet daarin niet naïef zijn en bij (dreigende) importheffingen met gelijke munt terugslaan middels gerichte, proportionele en effectieve tegenmaatregelen zonder verdere escalatie uit te lokken. Diplomatieke kanalen moeten hierbij zoveel mogelijk worden opengehouden. Ongewenste strategische afhankelijkheden worden in kaart gebracht en zo snel mogelijk afgebouwd. Alle internationale handel moet voldoen aan (internationale) gedragsregels, zoals de Wvedio (Wet verantwoord en duurzaam internationaal ondernemen). Voor deze wet blijven we strijden omdat we willen dat iedereen beter wordt van internationale handel."
  3. "Niet macht en eigenbelang, maar recht en rechtvaardigheid vormen de kern van ons buitenlands beleid. Internationale rechtsbeginselen, zoals nakoming van verdragen en bescherming van burgers conform het humanitair oorlogsrecht, staan daarbij voorop. Nederland is en blijft een actieve en betrouwbare partner in de internationale gemeenschap en van internationale gerechtshoven. Onze inzet is dan ook gericht op versterking en bescherming van de multilaterale rechtsorde, waaronder de VN, die onder grote druk staat. Nederland neemt - idealiter in Europees verband - een leidende rol in het aankaarten van mensenrechtenschendingen en het tegengaan van straffeloosheid. We bestrijden autocratische regimes met sancties. Mensenrechtenschendingen worden bestreden en daders berecht."
  4. "Er is in onze economie geen enkele plaats voor kinderarbeid en uitbuiting. De Wet Zorgplicht Kinderarbeid, die al door beide Kamers is aangenomen, wordt met spoed uitgevoerd. Producten waarvan de productie in strijd is met internationale afspraken op het gebied van mensenrechten, kinderarbeid of milieu, worden geweerd, óók als dat de exit van platforms als Temu en AliExpress uit Nederland betekent. Het uitgangspunt wordt dat bedrijven die van overheidssteun gebruikmaken, de OESO-normen rond internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen onderschrijven en naleven."
  5. "Veiligheid wordt niet slechts bereikt met militaire middelen. Internationale inzet van de krijgsmacht is onderdeel van een doordachte integrale benadering, in nauwe samenwerking met de inzet van diplomatie, ontwikkelingssamenwerking en de inlichtingen- en veiligheidsdiensten, gericht op een lange termijn commitment, (weder) opbouw, conflictpreventie en civiel-militaire samenwerking. Dit is een extra reden voor ontwikkelingssamenwerking en daarom keren we terug naar de internationale norm om hier 0,7% van het bruto nationaal inkomen aan uit te geven. We zien in gewapende conflicten steeds vaker inzet van (deels) autonome wapensystemen. Dat stelt ons voor grote morele vragen. We willen internationale regulering met betrekking tot de vraag of en onder welke voorwaarden autonome wapensystemen kunnen worden ontwikkeld en ingezet."