De regering moet een plan maken voor meer groen in de stad en bescherming tegen de hitte. Hitte is in steden ongelijk verdeeld. Vooral arme wijken zijn de warmste wijken.
Motie van het lid Beckerman over een concreet stappenplan voor vergroening en hitteadaptatie
De kamer,
constaterende dat hitte in steden zeer ongelijk verdeeld is en verschillen
tussen wijken kunnen oplopen tot 20 graden;
constaterende dat arme wijken vaak ook de warmste wijken zijn;
verzoekt de regering om te komen met een concreet stappenplan voor
vergroening en hitteadaptatie, waarbij ook gekeken wordt naar
hitteongelijkheid.
Argumenten voor: De partij streeft naar vergroening en verdichting om hittestress te verminderen en de leefbaarheid en koelte in de buitenruimte te vergroten [1]. Daarnaast vindt de partij dat Nederland weerbaar moet worden gemaakt tegen extreme weersomstandigheden door middel van doortastend klimaatbeleid [3]. Ook de partij hecht waarde aan een fysieke inrichting van wijken die voorkomt dat deze worden verdeeld op basis van inkomen [2], wat aansluit bij het aandachtspunt van hitteongelijkheid.
Argumenten tegen:
Bronnen:
"Groen in de stad en het dorp zorgt voor een leefbare en koele buitenruimte. Elke Nederlander moet vanuit huis makkelijk in de natuur kunnen komen, daarvoor is een groen en waterrijk netwerk door het hele land - binnen en buiten stedelijk gebied nodig. Gemeenten houden meer ruimte in hun omgevingsplannen voor groenstroken, bomen, water en parken. Verdichting en vergroening moeten hand in hand gaan om hittestress te verminderen, de biodiversiteit in de stad te vergroten en bij te dragen aan schonere lucht en betere leefbaarheid. Er komen meer bomen en struiken op en rond bedrijventerreinen, luchthavens en langs (snel) wegen."
"Goed samenleven begint met allemaal je eigen verantwoordelijkheid nemen. Maar ook hoe wijken fysiek worden ingericht, heeft grote invloed op hoe een wijk functioneert. Het is bijvoorbeeld belangrijk dat wijken niet worden verdeeld naar inkomen. Om dat aan te moedigen bouwen we in alle dorpen en steden twee derde betaalbare koop- en huurwoningen, waaronder 30 procent sociale huur. We zorgen voor gemengde wijken, waar mensen met verschillende achtergronden en inkomens samenleven. Gemeenten krijgen de opdracht om dit niet alleen op papier, maar juist op wijkniveau in te vullen. We geven maximaal ruimte aan wooncoöperaties, gemeenschappelijke woonvormen of vormen van collectief particulier opdrachtgeverschap, door regelgeving daarvoor te vereenvoudigen."
"Het veranderende klimaat vraagt om doortastend beleid. We nemen onze verantwoordelijkheid om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, en maken Nederland weerbaar tegen extreme weersomstandigheden. Tegelijkertijd kiezen we voor een ruimtelijke ordening waarin water en bodem sturend zijn. Zo gaan we verstandig om met de ruimte die we hebben en is er toekomst voor natuur, landbouw, wonen en energie."