Transparantie over dierenwelzijn in de bio-industrie

De regering moet informatie over toezicht in de bio-industrie sneller openbaar maken. Nu zorgt vertraging door bezwaren van bedrijven ervoor dat misstanden en dierenleed te laat aan het licht komen.

Motie van het lid Ouwehand over toezicht- en handhavingsinformatie over leven en lijden van dieren in de bio-industrie actief openbaar maken

De kamer, constaterende dat burgers er recht op hebben te weten hoe er met dieren wordt omgegaan in de bio-industrie en hoe het toezicht daarop functioneert; constaterende dat inspectierapporten en andere toezicht- en handhavingsinformatie hiervoor onmisbaar zijn, maar dat het door bezwaren van de sector jaren kan duren voordat deze informatie openbaar wordt, terwijl uit rechtspraak keer op keer is gebleken dat de bezwaren ongegrond zijn; constaterende dat misstanden en ernstig dierenleed hierdoor veel later aan het licht komen, zoals we bijvoorbeeld zagen bij ernstige misstanden in de konijnenhouderij; verzoekt de regering om de benodigde stappen te zetten om toezicht- en handhavingsinformatie met betrekking tot het leven en lijden van dieren in de bio-industrie actief openbaar te maken.
1 september | PvdD | Verworpen: 58–92 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 75%)

Argumenten voor: De partij stelt dat mensen de plicht hebben om goed met dieren om te gaan en dat dierenleed bestreden moet worden [1]. Daarnaast benadrukt de partij dat er eisen gesteld en gehandhaafd moeten worden aan dierenwelzijn [1] en dat de overheid normen moet handhaven omdat bedrijven zich niet vanzelf aan de regels houden [2].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten tegen de motie.

Bronnen:

  1. "Mensen hebben de verantwoordelijkheid en de plicht om op een goede manier met dieren om te gaan. Voor de dierhouderij betekent dit dat er eisen worden gesteld (en gehandhaafd) aan dierenwelzijn met betrekking tot het kunnen vertonen van natuurlijk gedrag. Boeren worden bij dit traject naar het voldoen aan de (wettelijke) verplichting, geholpen met voorlichting en met financiële prikkels. Er is ook aandacht voor weidegang, het voorkomen van stalbranden, het terugdringen van het gebruik van antibiotica, regels rond transport van dieren en het naleven van de regels in slachthuizen. Voor consumenten moet de registratie van huisdieren verbeterd worden, malafide handel op online platforms worden aangepakt en dierenleed worden bestreden."
  2. "De laatste jaren zijn er te veel incidenten met bedrijven geweest waarbij uitstoot van stoffen werd geconstateerd die schadelijk zijn voor het milieu, zoals PFAS, (ultra)fijnstof of staalslakken. De overheid moet de sociale grondrechten op het gebied van leefmilieu en volksgezondheid garanderen door zelf normen te stellen en deze te handhaven. Omgevingsdiensten en de GGD zijn onvoldoende in staat gebleken snel en adequaat te handelen. Zij moeten beter toegerust worden om schadelijke uitstoot te voorkomen, handhavend op te treden en vergunningen in te kunnen trekken. Bedrijven houden zich helaas niet vanzelf aan de regels, we gaan minder uit van zelfregulering. Leefomgeving en ruimte gaan hand in hand. Daarom voegen we milieu weer toe aan het ministerie van VRO en herstellen we het succesvolle model van het voormalige ministerie van VROM."