De regering moet onderzoeken hoe incidenten tegen moskeeën en islamitische instellingen landelijk geregistreerd kunnen worden. Dit is nodig om dreigingen goed te analyseren en deze instellingen effectief te beschermen.
Motie van het lid El Abassi over verkennen hoe incidenten tegen moskeeën en islamitische instellingen centraal en landelijk kunnen worden geregistreerd
De kamer,
constaterende dat moslimhaat toeneemt en moskeeën steeds vaker
doelwit zijn van bedreiging, bekladding, vernieling en intimidatie;
constaterende dat incidenten tegen moskeeën en islamitische instellingen
niet landelijk en centraal worden geregistreerd;
overwegende dat betrouwbare gegevens nodig zijn voor een goede
dreigingsanalyse en effectieve bescherming;
verzoekt de regering om samen met moskeekoepels, gemeenten, politie,
het Openbaar Ministerie en islamitische organisaties te verkennen hoe
incidenten tegen moskeeën en islamitische instellingen centraal en
landelijk kunnen worden geregistreerd, en de Kamer binnen zes maanden
te informeren over de mogelijkheden en vervolgstappen.
Argumenten voor: De partij verzet zich tegen racisme en discriminatie op basis van levensovertuiging [6] en wil de wet- en regelgeving om dergelijke praktijken te bestrijden verder aanscherpen [5]. Daarnaast wil de partij intimidatie en het verhinderen van vreedzame bijeenkomsten aanpakken [3] en onderzoekt zij het strafbaar stellen van intimiderend groepsgedrag [4]. Gezien de visie dat religieuze gemeenschappen volwaardige partners van de overheid zijn [2], is het waarschijnlijk dat de partij het belang van betere gegevens voor de bescherming van deze groepen erkent.
Argumenten tegen: Het programma bevat geen specifieke argumenten tegen het registreren van incidenten tegen moskeeën. Er wordt wel gesproken over het beperken van geldstromen uit onvrije landen naar moskeeën om ongewenste invloed tegen te gaan [1], maar dit heeft geen direct verband met het registreren van geweld of intimidatie.
Bronnen:
"De Parlementaire ondervragingscommissie ongewenste beïnvloeding uit onvrije landen (POCOB) heeft verontrustende conclusies gepresenteerd. Uit het onderzoek blijkt dat bepaalde islamitische landen met geldstromen invloed uitoefenen in onder meer moskeeën en informeel islamonderwijs. Om dit tegen te gaan leggen we geldstromen uit onvrije landen aan banden. We streven er naar organisaties die dergelijke invloed uitoefenen te verbieden. Vaak zijn deze organisaties in andere landen om deze reden al verboden. Landen die onvrijheid of terrorisme subsidiëren worden gesanctioneerd. Hierin telt de dreigingsappreciatie van de NCTV zwaar mee. De Nederlandse regering stuurt geen afvaardiging naar sportevenementen in dergelijke landen."
"Kerken en geloofsgemeenschappen zijn volwaardige partners van de overheid. Ze spelen een cruciale rol in het ondersteunen van mensen in armoede en het voorkomen van eenzaamheid en sociale uitsluiting, juist op plekken waar de overheid vaak geen rol heeft. De overheid voert regelmatig overleg met kerken en andere geloofsgemeenschappen. Daarbij is aandacht voor praktische belemmeringen zoals huisvesting. Nu is de overheid hier vaak (soms vanuit religieus analfabetisme, soms vanwege gebrek aan samenlevingsvisie) een sta-in-deweg, terwijl het haar taak is om mee te denken. Bij woningbouwprojecten moet vanaf het begin ruimte worden gereserveerd voor ontmoeting: kerken, buurthuizen, verenigingsgebouwen en maatschappelijk vastgoed zoals huisarts- en hulpverleningspraktijken. Deze voorzieningen zijn essentieel voor een sterke samenleving."
"Het grondrecht om te demonstreren is een groot goed. Het merendeel van de demonstraties verloopt vreedzaam, maar acties die de orde buitensporig verstoren of de rechten en vrijheden van andere mensen ernstig beperken, zijn in opkomst. Om dit gerichter aan te kunnen pakken, moeten de voorwaarden om te kunnen demonstreren waar nodig aangescherpt. Onderdeel daarvan is het verbod op gezichtsbedekkende kleding en het zo mogelijk verhalen van schade op de organisatoren. Daarnaast moet intimidatie en het op andere manier verhinderen van vreedzame bijeenkomsten worden tegengegaan door misbruik van het beginsel van zicht- en gehoorsafstand aan te pakken."
"Veel vrouwen durven 's avonds niet alleen over straat te lopen of bereiden zich voor om alleen op weg te gaan door het delen van hun live locatie met een naaste. Dit is niet oké. Iedereen, jong of oud, man of vrouw, moet veilig over straat kunnen zonder angst om lastig gevallen te worden. We onderzoeken of intimiderend groepsgedrag strafbaar gesteld kan worden. De ChristenUnie wil dat gemeenten actief optreden tegen structurele overlast. We investeren in goede straatverlichting, meer handhaving en zichtbare politie in de buurt. Van meer blauw op straat gaat een preventieve werking uit én het vergroot het veiligheidsgevoel. Daarnaast maken we ruimte voor straatcoaches, jongerenwerk en preventieve programma's die gericht zijn op gedragsverandering en respectvol samenleven."
"scherpen we wet- en regelgeving om racisme en discriminatie tegen te gaan verder aan."
"De mens is naar het evenbeeld van God geschapen en iedereen deelt in menselijke waardigheid. De ChristenUnie stelt zich daarom teweer tegen het kwaad van racisme, antisemitisme en discriminatie op basis van levensovertuiging, geslacht, handicap of op welke grond dan ook. We zijn als mensen in deze wereld in verscheidenheid aan elkaar gegeven. Daarom staat de ChristenUnie voor een overheid die initiatieven stimuleert die het samenleven in verscheidenheid bevorderen en"