De regering moet een aanpak ontwikkelen om nieuwe groene fabrieken en industriële ketens op te schalen. Nederland moet innovatie behouden en groene koplopers in de chemie en schone technologie beter ondersteunen. Nu krijgen deze bedrijven onvoldoende hulp om te groeien.
Motie van de leden Van Oosterhout en Jumelet over verkennen hoe een aanpak voor het opschalen van nieuwe groene fabrieken en industriële ketens stevig kan worden verankerd
De kamer,
overwegende dat de huidige maatwerkaanpak primair gericht is op het
verduurzamen van bestaande grote industriële uitstoters, terwijl het
cruciaal is om ook nieuwe innovatie hier te behouden en op te schalen;
constaterende dat Nederland tal van groene koplopers kent die nieuwe
industriële activiteiten willen ontplooien, bijvoorbeeld in de groene
chemie en schone technologie, maar dat deze bedrijven onvoldoende
worden ondersteund;
verzoekt de regering om een aanpak te verkennen voor het opschalen van
nieuwe groene fabrieken en industriële ketens, waarin onder meer
coördinatie van overheidsinzet en beleid, toegang tot financiering,
infrastructuur, grondstoffen en vraagcreatie stevig worden verankerd, en
de Kamer hier in het najaar over te informeren.
Argumenten voor: De partij wil dat Nederland vooroploopt in de schone maakindustrie, zoals groene chemie en groene waterstof [1][4]. Zij willen meer ruimte voor innovatief ondernemerschap door problemen met kapitaaltoegang en toegang tot klanten aan te pakken [5]. Daarnaast steunt de partij overheidsinzet voor infrastructuur, vergunningen en netaansluitingen [3][2], en het stimuleren van technologie door middel van subsidies en overheidsinkoop [6].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten die tegen de motie ingaan.
Bronnen:
"D66 wil dat Nederland vooroploopt in de schone maakindustrie: van circulaire bouwmaterialen en groene chemie tot biobased plastics en groene waterstof. Dit zijn sectoren waar innovatie, infrastructuur en afzetmarkt samenkomen."
"De industrie veroorzaakt een groot deel van de uitstoot in Nederland. Dat moet omlaag. D66 kiest daarom scherp: wie kan vergroenen met een houdbaar verdienmodel, moet dat ook doen. Een gezonde economie bestraft vervuiling en beloont werk. De overheid helpt waar dat nodig is, met slimme prikkels, infrastructuur en minder papierwerk. En we zijn ook eerlijk en realistisch: niet elke industrie past op elke plek."
"We stellen per sector een duidelijke einddatum voor fossiele technieken en we maken duidelijke plannen voor de overstap naar duurzame alternatieven. Zo weten bedrijven waar ze aan toe zijn en kunnen investeerders duurzame keuzes maken. De overheid zorgt voor de juiste voorwaarden: van vergunningen en netaansluiting tot passende regels."
"De bank investeert in wat Nederland vooruithelpt: van verzwaring van het elektriciteitsnet tot warmtenetten in dorpen en steden, van circulaire productie tot herstel van bodem en water. Ook ondersteunt de bank de opschaling van bijvoorbeeld groene waterstof, digitale autonomie, duurzame defensiecapaciteit en technologische innovatie. Zo bouwen we aan de toekomst van Nederland - ecologisch én strategisch."
"D66 wil meer ruimte voor innovatief ondernemerschap. Veel innovatieve ondernemers komen nu vaak niet verder door een gebrek aan kapitaal of toegang tot klanten. D66 wil Nederlandse ondernemers de ruimte geven om te groeien. We zorgen dat Nederlandse innovaties makkelijk kunnen groeien binnen Europa. Én we helpen ze aan financiering via de Europese kapitaalmarkt. Zo zorgen we dat onze Europese waarden stevig staan."
"Nederland loopt internationaal voorop in sleuteltechnologieën. D66 wil die voorsprong benutten om onze maatschappelijke uitdagingen te helpen oplossen. We stimuleren deze belangrijke technologieën met subsidies en inkoop van de overheid. Samen met bedrijven en onderzoekers maken we ambitieuze plannen voor de lange termijn."