Klimaatdoelen van de Wereldbank

De regering moet zich tijdens de vergadering in Bangkok inzetten voor duidelijke klimaatdoelen van de Wereldbank. Zonder meetbare doelen komt de financiering voor het klimaat in gevaar. Klimaatverandering zorgt er nu al voor dat miljoenen mensen extra in armoede raken.

Motie van het lid Kröger over zich inzetten voor kwantitatieve klimaatdoelen

De kamer, constaterende dat de Wereldbank de kwantitatieve klimaatdoelstelling van 45% heeft laten vallen onder grote druk van de Verenigde Staten; overwegende dat klimaatverandering volgens de Wereldbank zelf 132 miljoen extra mensen in armoede kan duwen en nu al gevolgen heeft; overwegende dat zonder meetbare doelen de klimaatfinancieringsdoelen van de ontwikkelingsbanken onder druk komen te staan; verzoekt de regering zich tijdens de jaarvergadering in Bangkok in te zetten voor kwantitatieve klimaatdoelen.
1 oktober | PRO |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij ziet klimaatverandering als een wereldwijd vraagstuk dat een internationale aanpak met bindende afspraken vereist [1]. Zij pleiten voor ambitieus klimaatbeleid om de schepping te behouden [1][5] en willen de huidige reductiedoelstellingen zelfs overtreffen [2]. Daarnaast benadrukken zij de noodzaak om de verantwoordelijkheid te nemen voor het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen [4].

Argumenten tegen: Het programma biedt geen directe argumenten tegen het streven naar internationale klimaatdoelen, al wordt wel opgemerkt dat de uitvoering van klimaatdoelen in de praktijk complex is door nationale randvoorwaarden [3].

Bronnen:

  1. "Om de schepping te bewaren is ambitieus klimaatbeleid noodzakelijk. Bovendien draagt goed klimaatbeleid bij aan energieonafhankelijkheid: we zijn nu voor onze energievoorziening afhankelijk van landen waar we niet afhankelijk van willen zijn. Dat moet stoppen. Klimaatverandering houdt zich niet aan grenzen: het is een wereldwijd vraagstuk dat een internationale aanpak vraagt. Daarom is het goed dat Nederland zich al jaren, in internationaal verband, inzet voor goede, bindende afspraken om de impact van het menselijk gedrag op het klimaat te verkleinen."
  2. "Wij zien het Akkoord van Parijs en de Europese doelstellingen die daarop zijn gebaseerd als een goede basis. Dat geldt ook voor de Nederlandse Klimaatwet waarin is vastgelegd dat we in 2030 55% CO2-reductie moeten hebben behaald ten opzichte van 1990. De ChristenUnie richt zich op een hogere reductie in 2030, zodat tegenvallers er niet direct toe leiden dat we het minimale doel niet halen. Vermindering van uitstoot in eigen land mag niet leiden tot hogere uitstoot elders. Daarom wordt bij klimaatbeleid zoveel mogelijk ingezet op een Europees gelijk speelveld, met zo min mogelijk weglek. We normeren verstandig, maken gerichte afspraken met (top)sectoren en subsidiëren innovatie, zoals via schoon- en emissieloos bouwen. In het Klimaatfonds trekken we extra geld uit voor energie-infrastructuur, zoals elektriciteits- en wartmenetten, isolatie van huizen en verduurzaming van de industrie, zodat Nederland een sterke en schone industriële sector behoudt."
  3. "De klimaat- en energietransitie zit in een taaie fase. Klimaatdoelen afspreken bleek nog vrij eenvoudig, klimaatdaden stellen en volhouden blijkt een stuk ingewikkelder. Dat heeft deels te maken met de ingewikkelde internationale context, maar ook met het feit dat Nederland zijn randvoorwaarden voor vergroening van de economie niet op orde heeft: het elektriciteitsnet zit overvol, de vergunningverlening zit op slot en er is een gebrek aan goed opgeleide vakmensen. Die randvoorwaarden moeten met voorrang op orde worden gebracht, anders komen burgers en bedrijven in de knel, omdat er geen reëel handelingsperspectief is (zie ook hoofdstuk 2 'Nederland van het slot')."
  4. "Het veranderende klimaat vraagt om doortastend beleid. We nemen onze verantwoordelijkheid om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, en maken Nederland weerbaar tegen extreme weersomstandigheden. Tegelijkertijd kiezen we voor een ruimtelijke ordening waarin water en bodem sturend zijn. Zo gaan we verstandig om met de ruimte die we hebben en is er toekomst voor natuur, landbouw, wonen en energie."
  5. "Maar de schepping zucht. De leefomgeving raakt vervuild. Diersoorten sterven uit. Het klimaat warmt op. Hele ecosystemen dreigen te verdwijnen. De mens buit de schepping uit, terwijl we een opdracht hebben haar te beheren en goed te verzorgen. De zelfzucht van de mens moet daarom beheerst worden. De grenzen van de schepping zijn ónze grenzen. Dat vraagt om ambitieus natuur-, milieu-, en klimaatbeleid. De ChristenUnie kiest voor een koers van herstel."