Steun voor vrouwen in oorlogsgebieden

De regering moet extra steun geven aan netwerken van vrouwen en slachtoffers van seksueel geweld in oorlogsgebieden zoals Sudan, de Democratische Republiek Congo, Oekraïne en Gaza. Deze netwerken zijn zeer waardevol, maar hebben momenteel te weinig middelen om hun werk goed te kunnen doen.

Motie van de leden Dobbe en Kröger over extra ondersteuning voor vrouwen en slachtoffers van seksueel geweld in oorlogsgebieden

De kamer, overwegende dat netwerken van vrouwen en slachtoffers van conflictgerelateerd seksueel geweld effectief en waardevol zijn, maar vaak met zeer beperkte middelen opereren; verzoekt de regering extra ondersteuning te bieden aan organisaties en netwerken van vrouwen en van slachtoffers van seksueel geweld in oorlogsgebieden zoals Sudan, DRC, Oekraïne en Gaza.
1 oktober | SP, PRO |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (onzeker, 60%)

Argumenten voor: De partij stelt dat geweld tegen vrouwen en femiciden een groeiend probleem zijn dat niet genegeerd mag worden [1][2]. Daarnaast wordt de vrijheid en veiligheid voor vrouwen als een belangrijk uitgangspunt gezien [1][2].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Vrijheid en veiligheid voor vrouwen. In Nederland horen vrouwen zich vrij te kunnen bewegen, ongeacht wat ze dragen of waar ze wonen. Toch neemt het aantal meldingen van intimidatie en geweld tegen vrouwen toe. Femicide (het doden van vrouwen omdat ze vrouw zijn) is een groeiend probleem. Dat kunnen, willen en mogen we niet negeren."
  2. "Maar het gaat niet alleen om spanningen tussen groepen of om publieke veiligheid. Het gaat ook om de positie van vrouwen in onze samenleving. In Nederland horen vrouwen zich vrij te kunnen bewegen, ongeacht wat ze dragen of waar ze wonen. Toch neemt het aantal meldingen van intimidatie en geweld tegen vrouwen toe. Femicide (het doden van vrouwen omdat ze vrouw zijn) is een groeiend probleem. Dat kunnen, willen en mogen we niet negeren."