De regering moet een programma opzetten voor de ondersteuning van vervolgde christelijke gemeenschappen. Dit programma richt zich op veiligheid, wederopbouw en bestaanszekerheid. Hiermee help je deze groepen om in hun eigen land te blijven wonen of om veilig terug te keren.
Motie van de leden Boomsma en Ceder over een herkenbaar programma inrichten voor concrete ondersteuning van vervolgde christelijke gemeenschappen
De kamer,
constaterende dat wereldwijd veel christenen vanwege hun geloof
worden vervolgd, bedreigd of verdreven en de Kamer de regering eerder
heeft opgeroepen prioriteit te geven aan het tegengaan van geweld tegen
christenen;
overwegende dat in de periode 2026 tot 2030 bijna 35 miljoen beschikbaar
is voor de bredere inzet op geloofsvrijheid;
overwegende dat concrete ondersteuning van vervolgde christelijke
gemeenschappen, bijvoorbeeld door het ondersteunen van wederopbouw, er effectief aan kan bijdragen dat deze gemeenschappen in hun
land van herkomst kunnen blijven bestaan of kunnen terugkeren;
overwegende dat andere Europese landen ook al ervaring hebben
opgedaan met programma’s die rechtstreeks zijn gericht op ondersteuning van vervolgde christelijke gemeenschappen;
verzoekt de regering binnen de bestaande middelen voor mensenrechten
een herkenbaar programma in te richten voor concrete ondersteuning van
vervolgde christelijke gemeenschappen, gericht op onder meer veiligheid,
wederopbouw en bestaanszekerheid, en de Kamer vóór de begrotingsbehandeling van Buitenlandse Zaken over de uitwerking en financiële
omvang daarvan te informeren.
Argumenten voor: De partij maakt zich grote zorgen over de situatie van christenen in India, die volgens de fragmenten worden belaagd door geweld van extremistische hindoes, en vindt dat Nederland zich hier meer over moet uitspreken [1]. Daarnaast wordt de repressie van minderheden, waaronder christenen, in China benoemd [2].
Argumenten tegen: De beschikbare fragmenten bevatten geen argumenten om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"Verbetering van de relatie met India, maar ook met andere Aziatische landen, dient hand in hand te gaan met een verbetering van de mensenrechten in die landen. De SGP maakt zich grote zorgen over de situatie van christenen in India, die belaagd worden door geweld van extremistische hindoes. Nederland moet zich hier meer over uitspreken."
"In China is sprake van toenemende repressie van minderheden zoals de Oeigoeren en christenen, steeds verdere inperking van fundamentele vrijheden en de excessieve sociale controle van de bevolking. Het land ondermijnt de internationale rechtsorde door cyberspionage en toenemende agressieve retoriek tegen Taiwan. Nederland neemt daarom, ook in EU-verband, een kritischer houding aan richting China. Nederland moet minder afhankelijk worden van China wat betreft grondstoffen, technologie en vitale infrastructuur. Chinese investeringen en deelname aan Europese aanbestedingen worden veel strenger getoetst en Chinese invloed via de academische wereld en sociale media wordt tegengegaan."