De regering moet voorkomen dat bedrijven marketingdiensten afnemen bij kidfluencers (influencers die kinderen gebruiken). Het maken van online content met kinderen onder de 15 jaar is namelijk kinderarbeid. Dit heeft een grote negatieve impact op de privacy en het zelfbeeld van kinderen.
Motie van het lid Kisteman c.s. over organisaties laten stoppen met het afnemen van kindermarketingdiensten bij influencers
De kamer,
constaterende dat het commercieel maken van onlinecontent door en met
kinderen onder het verbod op kinderarbeid voor kinderen van 15 jaar en
jonger gaat vallen;
constaterende dat het inzetten van kinderen als kidfluencer enorm veel
negatieve impact heeft op hun privacy en zelfbeeld;
overwegende dat er passende boetes gaan gelden als kinderen onder de
16 worden ingezet als kidfluencer;
overwegende dat het mes aan twee kanten snijdt en ouders nu aangepakt
kunnen worden, maar er ook betalende partijen zijn;
verzoekt de regering uit te werken hoe stopgezet kan worden dat
organisaties kindermarketingdiensten afnemen bij influencers, bijvoorbeeld door ketenverantwoordelijkheid te introduceren, en de Kamer hier
aan het begin van 2027 over te informeren.
Argumenten voor: De partij stelt dat kinderen het recht hebben om veilig op te groeien, ook online [1], en dat de overheid maatregelen moet nemen om schadelijke invloeden aan banden te leggen [3]. Bovendien is er in de visie van de partij geen enkele plaats voor kinderarbeid en uitbuiting in de economie [2].
Argumenten tegen: De partij benadrukt dat de primaire verantwoordelijkheid voor de opvoeding en de ontwikkeling van kinderen bij de ouders ligt [4][1]. Daarnaast is het volgens de partij niet de taak van de overheid om te bepalen hoe kinderen worden opgevoed [4].
Bronnen:
"Voor het eerst groeit een generatie grotendeels digitaal op. Naast de positieve kanten van de digitale wereld is dit een experiment met potentieel ontwrichtende gevolgen, voor kinderen én de samenleving als geheel. Kinderen hebben het recht veilig op te groeien, ook online. De overheid doet er veel aan om kinderen in de fysieke wereld tegen gevaar en ongezonde invloeden te beschermen. Dit terwijl kinderen in de digitale wereld aan grote techbedrijven worden overgeleverd. Het terugdringen van de negatieve invloed van smartphones en social media is een zaak van de hele samenleving. De verantwoordelijkheid hoe om te gaan met smartphones en sociale media ligt in eerste instantie bij ouders, maar met duidelijke wettelijke omkadering. Dat betekent dat sociale media niet toegankelijk mogen zijn voor kinderen jonger dan 14 jaar. Adequate leeftijdsverificatie is noodzakelijk voor sociale media, platformen met expliciete content (porno, geweld), goksites, kopen van alcohol, BNPL-diensten. Ook moet het mogelijk zijn voor 18-jarigen om op een toegankelijke manier hun gegevens permanent te kunnen wissen. Sociale mediabedrijven worden verplicht hun producten minder verslavend te maken. Smartphones worden geweerd uit scholen en ouder-initiatieven zoals 'Smartphonevrij opgroeien' gestimuleerd."
"Er is in onze economie geen enkele plaats voor kinderarbeid en uitbuiting. De Wet Zorgplicht Kinderarbeid, die al door beide Kamers is aangenomen, wordt met spoed uitgevoerd. Producten waarvan de productie in strijd is met internationale afspraken op het gebied van mensenrechten, kinderarbeid of milieu, worden geweerd, óók als dat de exit van platforms als Temu en AliExpress uit Nederland betekent. Het uitgangspunt wordt dat bedrijven die van overheidssteun gebruikmaken, de OESO-normen rond internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen onderschrijven en naleven."
"Zolang er geen algeheel pornoverbod is, maken we werk van leeftijdsverificatie bij pornosites, in navolging van het voorbeeld in Frankrijk. Ouders zijn uiteraard verantwoordelijk voor het weerbaar maken van hun kinderen. Toch is het de taak van de overheid om maatregelen te nemen die slechte invloeden aan banden leggen."
"Het is niet de taak van de overheid om te bepalen hoe kinderen worden opgevoed. Die verantwoordelijkheid ligt bij de ouders. Zij kennen hun kinderen het best en dragen zorg voor hun ontwikkeling. De opvoeding is primair de plek voor het overdragen van diepere waarden en zingeving. Pedagogische relaties in het gezin en rondom het gezin moeten beschermd worden zodat ze deze taak kunnen volbrengen. Ouders en andere opvoeders hebben ruimte en vrijheid nodig om hun kinderen op te voeden volgens hun eigen normen, waarden en (geloofs)overtuiging. Juist ook in de keuze voor onderwijs. Onderwijsvrijheid is een fundamenteel recht dat bescherming nodig heeft."