Bescherming van kinderen als kidfluencers

De regering moet voorkomen dat bedrijven marketingdiensten afnemen bij kidfluencers (influencers die kinderen gebruiken). Het maken van online content met kinderen onder de 15 jaar is namelijk kinderarbeid. Dit heeft een grote negatieve impact op de privacy en het zelfbeeld van kinderen.

Motie van het lid Kisteman c.s. over organisaties laten stoppen met het afnemen van kindermarketingdiensten bij influencers

De kamer, constaterende dat het commercieel maken van onlinecontent door en met kinderen onder het verbod op kinderarbeid voor kinderen van 15 jaar en jonger gaat vallen; constaterende dat het inzetten van kinderen als kidfluencer enorm veel negatieve impact heeft op hun privacy en zelfbeeld; overwegende dat er passende boetes gaan gelden als kinderen onder de 16 worden ingezet als kidfluencer; overwegende dat het mes aan twee kanten snijdt en ouders nu aangepakt kunnen worden, maar er ook betalende partijen zijn; verzoekt de regering uit te werken hoe stopgezet kan worden dat organisaties kindermarketingdiensten afnemen bij influencers, bijvoorbeeld door ketenverantwoordelijkheid te introduceren, en de Kamer hier aan het begin van 2027 over te informeren.
7 oktober | VVD, CDA, PRO | Aangenomen |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij wil maatschappelijk verantwoord ondernemen wettelijk verplichten om zaken als kinderarbeid en uitbuiting te voorkomen [2]. Daarnaast zet de partij zich in voor het naleven van het Internationale Kinderrechtenverdrag en een betere kinderbescherming [3]. Tevens wil de partij sociale media verantwoordelijk houden voor de veiligheid op hun platforms [1] en de commercialisering rondom kinderprogramma's beperken [4].

Argumenten tegen:

Bronnen:

  1. "Jongeren in een digitale wereld. We houden sociale media verantwoordelijk voor de veiligheid op hun platforms en sluiten jongeren niet uit van de digitale wereld. Mediawijsheid helpt mensen van alle leeftijden om verantwoord om te gaan met het internet. We zijn voor (gedifferentieerde) adviesleeftijden voor sociale media die verslavende algoritmen gebruiken. Daarnaast voeren we een Digitale Kijkwijzer in, net als de Kijkwijzer voor series en films, inclusief adviezen voor schermtijd per leeftijdsgroep. Met zo veel mogelijk organisaties maken we afspraken om deze leeftijdsadviezen om te zetten in beleid, onder andere op het gebied van leeftijdsspecifieke advertenties. Websites mogen gebruikers nooit (impliciet) dwingen om hun leeftijd te verifiëren door tot de persoon herleidbare gegevens, zoals het opsturen van een ID-kaart of het maken van een gezichtsscan. Anonieme opties om deel te nemen aan sociale media moeten minstens even makkelijk zijn als naar de persoon herleidbare opties."
  2. "Maatschappelijk verantwoord ondernemen. We leggen de plicht tot maatschappelijk verantwoord ondernemen vast. Zo voorkomen we kinderarbeid, landroof, uitbuiting, seksueel geweld en intimidatie op de werkvloer of schade aan kritieke ecosystemen, Nederland geeft geen exportsteun aan projecten die geen positieve bijdrage leveren aan mens, milieu en klimaat. We maken werk van een bindend verdrag Mensenrechten en Bedrijfsleven bij de Verenigde Naties."
  3. "Kinderrechten. We zorgen dat Nederland zich houdt aan het Internationale Kinderrechtenverdrag, zodat we toegaan naar betere kinderbescherming ook voor kinderen in de asielketen en jeugdzorg en minder kinderarmoede en discriminatie. Ook zorgen we dat de stem van kinderen voldoende gehoord wordt bij beslissingen over kinderen. We letten extra goed op de zorg voor kinderen met een handicap of beperking."
  4. "Minder reclame. De reclamezendtijd op de publieke omroep op tv, radio en online wordt aan banden gelegd. De reclamezendtijd op de publieke omroep wordt teruggebracht tot maximaal 5% van de totale zendtijd. NPO3 blijft kinderprogrammering uitzenden. Rondom de kinderprogramma's wordt helemaal geen reclame meer uitgezonden. De overheid subsidieert het verlies aan inkomsten. Zo wordt de commercialisering van de publieke omroep tegengegaan."