Agenda bij JEF-bijeenkomsten naar Kamer

De regering moet de Kamer een agenda met uitleg sturen als de JEF op ministerieel niveau bijeenkomt. De Joint Expeditionary Force (JEF) is een militaire samenwerking tussen Noordwest-Europese en Scandinavische landen. Deze samenwerking wordt steeds belangrijker voor de veiligheid van Nederland.

Motie van de leden Diederik van Dijk en Belhirch over een geannoteerde agenda naar de Kamer sturen als de JEF op ministerieel niveau bijeenkomt

De kamer, constaterende dat het belang van de Joint Expeditionary Force (JEF) voor Nederland, andere Noordwest-Europese en Scandinavische NAVO-landen toeneemt; overwegende dat dit militaire samenwerkingsverband niet alleen operationele meerwaarde biedt in aanvulling op de NAVO, maar ook politieke betekenis heeft; verzoekt de regering voortaan een geannoteerde agenda aan de Kamer te doen toekomen als de JEF op ministerieel niveau bijeenkomt.
8 oktober | SGP, D66 | Aangenomen |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma JA21

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij wil dat de informatievoorziening wordt verbeterd zodat de Kamer betere handvatten krijgt om controle uit te oefenen [3]. Dit is essentieel om te waarborgen dat ministers alleen besluiten steunen met een mandaat van het parlement [3] en dat militaire inzet altijd binnen het kader van het Nederlands belang en met een mandaat plaatsvindt [1][2].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten tegen de motie.

Bronnen:

  1. "Geen EU-leger en geen militaire inzet zonder aantoonbaar Nederlands belang of mandaat."
  2. "We bevestigen onze loyaliteit in NAVO-verband, militair, di -plomatiek en financieel. Tegelijk blijven we als eerste alert op onze eigen soevereiniteit, en steunen dus geen EU-leger bui -ten NAVO, geen militair optreden zonder Nederlands belang, en geen afhankelijkheid van Amerikaanse ondersteuning voor strategische capaciteiten."
  3. "Naast de reeds ingebouwde controlemechanismen in de rapportages door ministeries moeten de Eerste en Tweede Kamer betere handvatten krijgen om subsidia -riteit te waarborgen binnen Europese verordeningen en richtlijnen. JA21 staat voor een Europese Unie die trouw blijft aan het subsidiariteitsbeginsel. Er moet onderzocht worden hoe de informatievoorziening verbeterd kan worden opdat deze wetgeving ook een grotere rol kan spelen in het publieke debat. Wetgeving die in Nederland impact heeft, moet tijdig besproken worden in de Tweede Kamer, zodat de volksvertegenwoordiging sturing kan geven. Ministers en staatssecretarissen mogen geen Europese besluiten steunen zonder een mandaat van het parlement."