De regering moet de samenwerking tussen het Ministerie van Defensie en de veiligheidsregio's versterken. De veiligheid in Europa verslechtert, waardoor een goede voorbereiding op noodsituaties nodig is. Betere samenwerking tussen het leger en de regio's is essentieel om crises effectief te kunnen aanpakken.
Motie van het lid Struijs c.s. over de samenwerking tussen het ministerie van Defensie en de veiligheidsregio's verder versterken
De kamer,
constaterende dat de verslechterde veiligheidssituatie in Europa vraagt
om een grotere weerbaarheid van de samenleving en een goede
voorbereiding op noodsituaties;
constaterende dat nauwe samenwerking tussen het Ministerie van
Defensie en de veiligheidsregio’s essentieel is voor een effectieve
opschaling bij crises en calamiteiten;
overwegende dat de rijksbrede aanpak weerbaarheid tegen militaire en
hybride dreigingen weliswaar uitgaat van versterkte civiel-militaire
samenwerking, maar dat er signalen uit het veld komen dat de coördinatie
met de veiligheidsregio’s verbetering behoeft;
verzoekt de regering de samenwerking tussen het Ministerie van Defensie
en de veiligheidsregio’s verder te versterken, onder meer door kennisuitwisseling, gezamenlijke oefeningen en de verdere uitwerking van civiele
opschalingsmodellen bij crisis- en conflictscenario’s.
8 oktober | 50PLUS, CDA, CU, D66, PRO, SP, Volt | Aangenomen |
Argumenten voor: De partij pleit voor een integrale benadering waarbij defensie deel uitmaakt van een breder veiligheidsbeleid [1][2]. De krijgsmacht moet in staat zijn om bij rampen en crises nationale bijstand te verlenen [3]. Daarnaast is het vergroten van de weerbaarheid tegen hybride dreigingen en de bescherming van vitale infrastructuur essentieel [4][5].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten die de samenwerking tussen Defensie en de veiligheidsregio's tegengaan.
Bronnen:
"Veiligheid wordt niet slechts bereikt met militaire middelen. Internationale inzet van de krijgsmacht is onderdeel van een doordachte integrale benadering, in nauwe samenwerking met de inzet van diplomatie, ontwikkelingssamenwerking en de inlichtingen- en veiligheidsdiensten, gericht op een lange termijn commitment, (weder) opbouw, conflictpreventie en civiel-militaire samenwerking. Dit is een extra reden voor ontwikkelingssamenwerking en daarom keren we terug naar de internationale norm om hier 0,7% van het bruto nationaal inkomen aan uit te geven. We zien in gewapende conflicten steeds vaker inzet van (deels) autonome wapensystemen. Dat stelt ons voor grote morele vragen. We willen internationale regulering met betrekking tot de vraag of en onder welke voorwaarden autonome wapensystemen kunnen worden ontwikkeld en ingezet."
"De Russische inval in de Oekraïne heeft pijnlijk duidelijk gemaakt dat vrede en vrijheid niet vanzelfsprekend is. Vrijheid kan niet zonder bescherming. De krijgsmacht heeft een duidelijke taak bij het bewaken van die vrijheid, door het grondgebied van Nederland en onze bondgenoten te beschermen en door het bevorderen van de internationale rechtsorde. De nieuwe NAVO-norm vraagt veel van de Nederlandse schatkist, defensieorganisatie en defensie-industrie, maar is noodzakelijk om onze vrijheden te kunnen verdedigen. Onze inzet van de krijgsmacht is onderdeel van een doordachte integrale benadering, in afstemming met de inzet van diplomatie, internationale- en ontwikkelingssamenwerking. Juist omdat het bij defensie om een ultiem machtsmiddel gaat, namelijk de inzet van wapens en militairen, is het belangrijk dat defensie onderdeel is van een integraal veiligheidsbeleid met voldoende politieke controle."
"De basisgereedheid van onze krijgsmacht moet op orde zijn, zodat de krijgsmacht aan de hoofdtaken kan blijven voldoen. Daarbij moet prioriteit liggen bij het verdedigen van het grond gebied van Nederland en bondgenoten. Verder moet de krijgsmacht in staat blijven nationale bijstand te verlenen bij rampen en crises (zoals langdurige stroomuitval of watersnood). Ook investeren we in luchtverdediging en veilige communicatie, en zorgen we ervoor dat eenheden van de krijgsmacht in staat zijn gevechtstaken uit te voeren en zich hierop voor te bereiden. Daarnaast zet Nederland in op hoogtechnologische capaciteiten, om te kunnen optreden tegen dreigingen vanuit het cyberdomein en hybride dreigingen. Hiermee beschikt onze krijgsmacht over unieke capaciteiten die het verschil maken bij bondgenootschappelijk optreden."
"Vrijheid en democratie zijn niet vanzelfsprekend. Er is een oorlog gaande in Europa. Toenemende geopolitieke spanningen zorgen voor onzekerheid en een schemergebied tussen oorlog en vrede. In een instabiele wereld moeten Europa en Nederland meer op eigen benen staan om onze veiligheid en democratische rechtsorde te beschermen en weerbaarder te worden. De rechtsstaat en ons vrije democratische bestel staan niet alleen onder druk van (sabotage door) andere landen, maar ook door terroristische dreiging van het jihadisme, criminele ondermijning of extremistische netwerken die onze rechtsorde bedreigen."
"Nederland moet zich goed beschermen tegen spionage, diefstal van militaire technologie, ontwrichting door desinformatie en het hacken van wapensystemen en vitale infrastructuur (zoals een waterkering). Nederland is goed in cyberveiligheid en dat willen we zo houden. Extra geld voor defensie gebruiken we daarom ook voor het verbeteren van cyberveiligheid. De veiligheid op de Noordzee staat onder druk. Er komt een strategie om met bondgenoten de vitale onderdelen van de infrastructuur, zoals zeekabels, te beschermen. We werken daarbij nauw samen met bondgenoten aan de Oostzee die soortgelijke ervaringen hebben."