De regering moet in het Nationaal Programma Defensie-industrie en Innovatie een nulmeting en een streefcijfer opnemen voor het deel van defensie-investeringen dat in Nederland wordt gemaakt. Alleen door dit te meten, kan het aandeel van Nederlandse bedrijven in defensie-opdrachten worden vergroot.
Motie van de leden Keijzer en Nanninga over een nulmeting en streefcijfer opstellen voor het deel van de defensie-investeringen dat in Nederland wordt geproduceerd
De kamer,
constaterende dat de Defensienota streeft naar minstens 50% inkoop bij
Nederlandse en Europese ondernemers, zonder het Nederlandse aandeel
daarin te benoemen;
overwegende dat het kabinet het aandeel van Nederlandse bedrijven in
defensieopdrachten wil vergroten en dat sturen begint met meten;
verzoekt de regering in het Nationaal Programma Defensie-industrie en
Innovatie een nulmeting en een streefcijfer op te nemen voor het deel van
de defensie-investeringen dat in Nederland wordt geproduceerd, en de
Kamer daarover bij begroting en jaarverslag te informeren.
Argumenten voor: De partij streeft naar de versterking van de nationale defensie-industrie [1] en benadrukt de noodzaak om over voldoende militair vermogen te beschikken voor de verdediging van Nederland en het NAVO-grondgebied [3].
Argumenten tegen: De partij spreekt zich tegen actieve industriepolitiek op nationaal en Europees niveau [2].
Bronnen:
"Versterking van de nationale defensie-industrie."
"Stoppen met actieve industriepolitiek op nationaal en op Europees niveau, omdat dit beleid altijd eindigt in tranen. Hierbij kunnen tijdelijk uitzonderingen gelden voor kritieke militair-industriële doelen."
"De oorlog in Oekraïne heeft het besef teruggebracht dat Nederland bij een gewapend treffen met Rusland over voldoende militair vermogen moet beschikken om het eigen en het NAVO-grondgebied te verdedigen. De NAVO is de hoeksteen van het Nederlands veiligheidsbeleid."