De regering moet samen met andere landen een klacht indienen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens tegen Georgië. De Georgische autoriteiten gebruiken geweld en strenge wetten tegen vreedzame demonstranten. Hierdoor volgt het land het Russisch model.
Motie van het lid Rajkowski over met gelijkgezinde partners op grond van artikel 33 EVRM een klacht tegen Georgië indienen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens
De kamer,
constaterende dat de Georgische autoriteiten repressieve wetgeving en
politiegeweld tegen vreedzame demonstranten inzet;
overwegende dat deze ontwikkelingen passen in een patroon waarbij
Georgië afglijdt naar Russisch model;
constaterende dat de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa
lidstaten heeft opgeroepen om gebruik te maken van het tussenstatelijk
klachtrecht om dit te bestraffen;
verzoekt de regering om samen met gelijkgezinde partners een klacht op
grond van artikel 33 EVRM tegen Georgië in te dienen bij het Europees
Hof voor de Rechten van de Mens.
Argumenten voor: De partij beschouwt de vrijheid om te demonstreren als een waardevol grondrecht dat essentieel is voor een samenleving waarin burgers hun stem mogen verheffen [1].
Argumenten tegen: De partij stelt dat vrijheid niet zonder begrenzing kan en dat demonstraties niet mogen ontaarden in wetteloosheid of ontwrichting van de samenleving, waarbij de overheid moet optreden om de openbare orde te handhaven [2].
Bronnen:
"De vrijheid om te demonstreren is een waardevol grondrecht dat past bij een samenleving waarin burgers hun stem mogen verheffen. Tegelijkertijd vraagt dit recht om verantwoord gebruik."
"De Bijbel roept op tot orde, vrede en onderdanigheid. Demonstraties mogen daarom nooit ontaarden in wetteloosheid of ontwrichting van de samenleving. De overheid draagt het zwaard niet tevergeefs en moet optreden als protest uitmondt in dreiging of dwang. Vrijheid kan niet zonder begrenzing. Alleen zo blijft gerechtigheid bewaard en kan de openbare orde standhouden."