De regering moet zorgen dat voedselzekerheid, landbouwproductiviteit en een eerlijk boereninkomen centraal staan in het Europese landbouwbeleid. Nieuwe regels moeten eerst worden getest op hun effect op deze doelen. Eigen voedselproductie is nodig voor betaalbaar eten en minder afhankelijkheid van andere landen.
Motie van het lid Van der Plas
De kamer,
overwegende dat een sterke eigen voedselproductie essentieel is
voor betaalbaar voedsel en minder afhankelijkheid van derde
landen;
verzoekt de regering zich ervoor in te zetten dat voedselzekerheid,
landbouwproductiviteit en een eerlijk boereninkomen centraal
staan in het toekomstige Europese landbouwbeleid, en nieuwe
verplichtingen vooraf worden getoetst op hun gevolgen voor deze
doelen.
Argumenten voor: De partij beschouwt voedselproductie als een geopolitieke kwestie en benadrukt het belang van voedselzekerheid op Europees niveau [1][2]. Zij willen dat de overheid de Europese regeldruk stroomlijnt om innovatie te bevorderen [3] en pleiten voor ondernemerschap op basis van doelsturing in plaats van beperkende middelvoorschriften [4].
Argumenten tegen: Er zijn geen argumenten tegen de motie in de verstrekte fragmenten.
Bronnen:
"Voedselproductie is geopolitiek: Vanwege onze vruchtbare grond en dankzij onze boeren, ondernemers, bedrijven en kennisinstellingen zoals de Wageningen Universiteit hebben wij een internationale voortrekkersrol als het gaat om efficiƫnte en technologisch geavanceerde voedselproductie. Het belang daarvan mogen we niet onderschatten, zeker niet in een tijd van inflatie en geopolitieke onrust. De kennis en innovatiekracht van onze agrarische sector kan een belangrijk exportproduct zijn, zeker met het oog op de groeiende wereldbevolking,"
"Als liberalen willen we dat boeren, tuinders en vissers de vrijheid krijgen om te ondernemen. Maar zij zien alsmaar beperkende regels op zich afkomen, terwijl juridische uitspraken en handhavingsverzoeken voor onzekerheid zorgen. De politiek moet daarom duidelijkheid geven over de toekomst, zodat (jonge) boeren weten waar ze aan toe zijn en kunnen investeren in hun bedrijf. Dat kan in samenwerking en in vertrouwen met de betrokken partijen. In het belang van voedselzekerheid op Europees niveau maken we de keuzes die weer ruimte geven voor ondernemerschap."
"Ruim baan voor innovatieve voedselproductie: We kijken met optimisme naar ontwikkelingen zoals precisiefermentatie, kweekvlees en nieuwe genomische technieken zoals CRISPR-Cas. Maar de rigide toelatingsprocedures in de EU zorgen voor deze novel foods voor enorme belemmeringen. De overheid moet er alles aan doen om dit te stroomlijnen, bijvoorbeeld door aan te dringen op een speciale procedure voor start- ups. Ook willen we regelluwe proeftuinen en adequate financiering via, onder andere, een investeringsmaatschappij voor start- en scale-ups. We willen tevens Europese goedkeuring voor andere innovaties zoals duurzame vangsttechnieken in de visserij, RENURE en groene gewasbeschermingsmiddelen."
"Ondernemerschap op basis van doelsturing: We willen een agrarische sector die past bij de draagkracht van de omgeving. Vervuiling en emissies willen we waar nodig dus verminderen. Daarvoor zijn middelvoorschriften, zoals verplichte oogstdata, makkelijk voor de overheid, maar die beperken ondernemerschap. We gaan de handen ineenslaan met het bedrijfsleven om over te gaan op afrekenbare doelen en metingen op bedrijfsniveau. Doelen op het gebied van bodemvruchtbaarheid en waterkwaliteit worden het uitgangspunt van ons bemestingsbeleid. Op het moment dat doelsturing aantoonbaar tot resultaat leidt, schaffen we middelvoorschriften af."