Inhoudelijke verantwoordelijkheid bij richtlijnen

De regering moet de inhoudelijke verantwoordelijkheid van zorgverleners voor medische richtlijnen beschermen. Het Zorginstituut mag de inhoud van deze richtlijnen niet bepalen. Zo blijven de medische kennis van professionals en de wensen van de patiënt centraal staan. Richtlijnen moeten helpen bij de zorg, maar mogen niet verplichten.

Motie van het lid Coenradie over het Zorginstituut geen bevoegdheden geven om de inhoud van professionele richtlijnen te bepalen

De kamer, constaterende dat het kabinet strengere wettelijke eisen wil stellen aan professionele richtlijnen en de rol van het Zorginstituut en de IGJ wil versterken; overwegende dat beroepsgroepen vanuit hun wetenschappelijke kennis en professionele expertise verantwoordelijk moeten blijven voor de inhoud van richtlijnen, met betrokkenheid van patiëntenorganisaties; overwegende dat passende zorg vraagt om ruimte om samen met de patiënt te bepalen welke zorg aansluit bij diens behoeften, voorkeuren en omstandigheden; overwegende dat richtlijnen deze afweging moeten ondersteunen en geen keurslijf mogen vormen; verzoekt de regering bij de uitwerking van deze plannen de inhoudelijke verantwoordelijkheid van beroepsgroepen voor richtlijnen te waarborgen en het Zorginstituut geen bevoegdheden te geven om de inhoud van professionele richtlijnen te bepalen; verzoekt de regering tevens te waarborgen dat richtlijnaanbevelingen richtinggevend blijven en geen dwingende voorschriften worden, met behoud van ruimte om gemotiveerd af te wijken wanneer de individuele situatie van de patiënt daarom vraagt, en de Kamer bij de uitwerking van de voorstellen te informeren hoe deze waarborgen zijn verankerd.
14 oktober | JA21 |

Stemverwachting