Voorrang voor lokale mkb-bedrijven bij Defensie

De regering moet bij Defensieprojecten voorrang geven aan lokale Nederlandse midden- en kleinbedrijven (mkb). Dit geldt voor de aanbestedingen, de bouw, het onderhoud en de leveringen. Lokaal draagvlak is essentieel voor het slagen en het gebruik van deze projecten.

Motie van het lid Boon over bij Defensieprojecten naar redelijkheid voorrang geven aan het lokale mkb

De kamer, overwegende dat lokaal draagvlak essentieel is voor de realisatie en het gebruik van Defensieprojecten; verzoekt de regering om bij Defensieprojecten naar redelijkheid voorrang te geven aan het lokale Nederlandse midden- en kleinbedrijf bij aanbestedingen, bouw en het daaropvolgende onderhoud en de leveringen.
13 april | PVV | Aangenomen: 147–3 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma Volt

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij erkent het belang van het mkb en wil de kracht en potentie daarvan beter benutten, belonen en waarderen [1]. Daarnaast streeft de partij naar het versterken van de regionale economieën buiten de Randstad en het versterken van het ondernemerschap in heel Nederland [3].

Argumenten tegen: De partij zet sterk in op Europees niveau: ze willen toewerken naar een 'echt Europees inkoop- en aanbestedingsbeleid' en kopen gezamenlijk in voor de defensie-industrie [2]. Ook wordt gepleit voor het opzetten van regionale clusters binnen de EU om de defensie-industrie te integreren en versterken [4]. Bovendien stelt de partij dat Nederland aan haar fysieke en ecologische grenzen zit, waardoor ze industrie bepleiten als Europese competentie in plaats van nationale focus [5].

Bronnen:

  1. "We stimuleren duurzaam ondernemerschap en ondersteunen ondernemers met de ontwikkeling en implementatie van sociaal rechtvaardige, duurzame bedrijfsmodellen met duidelijke toegevoegde waarde voor de maatschappij, zoals steward-ownership. We gaan de kracht en potentie van het midden- en kleinbedrijf (mkb) op het gebied van duurzaamheid en sociale rechtvaardigheid beter benutten, belonen en waarderen."
  2. "We werken toe naar een echt Europees inkoop- en aanbestedingsbeleid. We zorgen ervoor dat vitale processen (zoals ICT-infrastructuur en onze drinkwatervoorziening) niet in handen komen van niet-Europese bedrijven. We kopen als EU gezamenlijk in waar dit toegevoegde waarde heeft, zoals in de defensie-industrie. We erkennen inkoop als belangrijk instrument voor het behalen van maatschappelijke doelen, door voorrang te geven aan duurzame, sociale en innovatieve producten en diensten."
  3. "Om de innovatiekracht en leefbaarheid buiten de Randstad te vergroten, investeren we op grotere schaal in kennisinstellingen, (openbaar) vervoer en woningen om de regionale economieën meer tot bloei te laten komen. We willen het ondernemerschap in heel Nederland versterken en daarvoor is een integrale aanpak nodig, met oog voor de leefbaarheid in de regio's."
  4. "Er worden regionale clusters binnen de EU opgezet waarin ontwikkeling, productie en onderhoud worden samengebracht. Dit zorgt voor praktische integratie van nationale defensie-industrieën per technologische specialisatie. Het versterkt de weerbaarheid tegen sabotage en aanvallen door middel van gedecentraliseerde productie en levert economische voordelen op voor minder ontwikkelde regio's in de EU."
  5. "Volt bepleit dat industrie een Europese competentie wordt. Nederland is namelijk een klein land en we zitten aan onze fysieke en ecologische grenzen. Er is te weinig ruimte op het stroomnet en de stikstofkwestie houdt ons land op slot. Dat zorgt voor problemen, omdat vernieuwende bedrijven, zoals het innovatieve het midden- en kleinbedrijf (mkb), en grotere bedrijven, zoals ASML, niet meer organisch kunnen groeien. Daarom moeten we duidelijke keuzes maken en richting geven aan de economie van de toekomst. Volt kiest voor die sectoren die Nederland en de EU toekomstbestendig maken."