Meer ruimte voor landbouw op Defensie-terreinen

De regering moet onderzoeken of hybride gebruik van landbouwgrond binnen het NPRD (het Nationaal Programma Ruimte Defensie) uitgebreid kan worden. Dit zorgt ervoor dat landbouwgrond behouden blijft en boerenbedrijven kunnen blijven bestaan.

Motie van de leden Wiersma en Van der Plas over uitbreiding van de pilot voor hybride gebruik met landbouw

De kamer, constaterende dat binnen het NPRD één pilot plaatsvindt met hybride gebruik van landbouw en Defensie en er 57 ruimtelijke behoeften zijn rond agrarisch gebied; overwegende dat hybride medegebruik bijdraagt aan behoud van landbouwgrond en bedrijfscontinuïteit; verzoekt de regering om te onderzoeken in hoeverre de pilot voor hybride gebruik met landbouw uitgebreid kan worden in het NPRD en de Kamer hierover te informeren voorafgaand aan de verdere uitwerking en realisatie van de locaties.
13 april | BBB | Verworpen: 42–108 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De motie stelt dat hybride medegebruik bijdraagt aan de bedrijfscontinuïteit van agrarische bedrijven. Aangezien de partij waarde hecht aan een 'levendig platteland' en aangeeft dat 'kleinschalige, duurzame agrarische bedrijven vaak van veel maatschappelijke waarde [zijn]' [3], zou het behoud van deze bedrijven via hybride pilots als positief kunnen worden gezien.

Argumenten tegen: De partij stelt dat 'schase ruimte moet worden ingezet voor het herstellen van de natuur, het bouwen van betaalbare woningen, en het opwekken van duurzame energie' [4]. Bovendien wil de partij 'landbouwgrond bestemmen voor woningbouw' [2]. Het prioriteren van hybride landbouw en defensiegebruik in het NPRD kan strijdig zijn met de wens om grond maximaal in te zetten voor woningbouw en natuurherstel [2][4]. Daarnaast wil de overheid regie over grond voeren voor het 'grootste maatschappelijke belang' [1].

Bronnen:

  1. "Grondpolitiek. Grond is duur en schaars in Nederland. Daarom moet de overheid regie voeren om die grond in te zetten voor het grootste maatschappelijke belang. Zie hoofdstuk 'Volkshuisvesting'."
  2. "Als we 100.000 nieuwe woningen willen bouwen, is ruimte nodig. Dat betekent dat andere belangen zullen moeten inschikken, zoals de veehouderij en de luchtvaart. We gaan landbouwgrond bestemmen voor woningbouw en doen hetzelfde met verloederde bedrijventerreinen, leegstaande binnenstedelijke locaties en grond van ontwikkelaars die nieuwe woningen per jaar jarenlang niet ontwikkelen. Daarover willen we bindende afspraken maken met gemeenten en provincies, die we vastleggen in de Nota Ruimte. We zien grote kansen: een woonwijk op de locatie van de luchthaven bij Rotterdam, veel meer woningbouw in Noord-Holland als het aantal vluchten op Schiphol daalt, en grootschalige woningbouw of nieuwe steden in de Brabantse stedenrij, bij Brainport Eindhoven en tussen Almere en Amsterdam."
  3. "Een levendig platteland. Kleinschalige, duurzame agrarische bedrijven zijn vaak van veel maatschappelijke waarde. We stimuleren regionale samenwerkingsverbanden en nieuwe verdienmodellen, zoals directe verkoop, toerisme, onderwijs, zorg, en agroforestry. We houden het platteland levendig met goede voorzieningen, zoals ov, dorpshuizen, bibliotheken en zwembaden. Ook investeren we in natuur en het aanleggen van fiets- en wandelpaden."
  4. "Toekomstgerichte ruimtelijke ordening. Schaarse ruimte moet worden ingezet voor het herstellen van de natuur, het bouwen van betaalbare woningen, en het opwekken van duurzame energie. In de ruimtelijke ordening stellen we solidariteit en toekomstgerichtheid centraal."