Meer ruimte voor landbouw op Defensie-terreinen

De regering moet onderzoeken of hybride gebruik van landbouwgrond binnen het NPRD (het Nationaal Programma Ruimte Defensie) uitgebreid kan worden. Dit zorgt ervoor dat landbouwgrond behouden blijft en boerenbedrijven kunnen blijven bestaan.

Motie van de leden Wiersma en Van der Plas over uitbreiding van de pilot voor hybride gebruik met landbouw

De kamer, constaterende dat binnen het NPRD één pilot plaatsvindt met hybride gebruik van landbouw en Defensie en er 57 ruimtelijke behoeften zijn rond agrarisch gebied; overwegende dat hybride medegebruik bijdraagt aan behoud van landbouwgrond en bedrijfscontinuïteit; verzoekt de regering om te onderzoeken in hoeverre de pilot voor hybride gebruik met landbouw uitgebreid kan worden in het NPRD en de Kamer hierover te informeren voorafgaand aan de verdere uitwerking en realisatie van de locaties.
13 april | BBB | Verworpen: 42–108 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma PvdD

Stemverwachting: tegen (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: Er is geen directe onderbouwing in het programma te vinden die het hybride gebruik van defensie en landbouw ondersteunt.

Argumenten tegen: De partij stelt expliciet dat er geen extra ruimte voor defensieoefeningen moet komen en wil juist het aantal militaire terreinen in Nederland verminderen [1]. Bovendien wil de partij de ruimte die vrijkomt door de krimp van de veehouderij inzetten voor natuurherstel en woningbouw [2][3] in plaats van voor hybride defensiegebruik.

Bronnen:

  1. "Er komt geen extra ruimte voor defensieoefeningen in Nederland, maar we zetten juist in op het verminderen van militaire oefeningen en terreinen in Nederland. We laten het aantal dieren in de veehouderij afnemen met minimaal 75%. Dan komt er ruimte vrij voor natuur en woningen."
  2. "Slechts 7% van het Nederlandse grondoppervlak wordt ingenomen door woningen, bijna de helft door de veehouderij. Dat is onhoudbaar. Door boeren te helpen overschakelen naar plantaardige landbouw komt er veel grond vrij die we veel beter kunnen verdelen. Verreweg het grootste deel daarvan zetten we om naar natuur zodat de biodiversiteit kan herstellen. Zo ontstaat ruimte voor woningen aan de rand van bestaande woonkernen, zonder dat dit ten koste gaat van leefbaarheid, landschaps- en cultuurhistorie en de natuur. Op die manier kunnen meer mensen wonen in een groene omgeving en lossen we het woningtekort op. De bebouwde omgeving moet daarnaast slimmer, duurzamer en eerlijker worden benut."
  3. "We maken ruimte voor woningen. Door te kiezen voor een krimp met 75% van het aantal dieren dat wordt gefokt en gedood in de veehouderij wordt de stikstofcrisis opgelost, komt er veel landbouwgrond en agrarische bebouwing vrij. Naast herstel van de natuur ontstaat zo ruimte voor woningen."