Prioriteit voor technische en digitale vaardigheden

De regering moet prioriteit geven aan technische, digitale en AI-vaardigheden binnen de nationale talentstrategie. Dit is nodig om de economie relevant te houden en het tekort aan geschoold personeel op te lossen. Hiermee wordt het onderwijs, inclusief het mbo en ontwikkelingsprogramma's voor werkenden, beter voorbereid op de nieuwe banen van de toekomst.

Motie van het lid Rooderkerk c.s. over in de nationale talentstrategie expliciet aandacht besteden aan digitale vaardigheden in al het onderwijs

De kamer, constaterende dat het rapport-Wennink benadrukt dat Nederland alleen economisch en technologisch relevant blijft binnen Europa door te investeren in strategische sectoren zoals digitalisering, energie en klimaat; constaterende dat er nog altijd tekorten zijn in technische beroepen en dat de aansluiting tussen onderwijs, arbeidsmarkt en bijscholing versterkt kan worden; constaterende dat de opkomst van AI de arbeidsmarkt in hoog tempo verandert en dat zowel bestaande als nieuwe beroepen steeds vaker vragen om digitale en AI- gerelateerde vaardigheden; overwegende dat deze transities vragen om voldoende beschikbaarheid van hoogwaardig praktisch geschoold talent, met name in technische en digitale domeinen; overwegende dat een samenhangende talentstrategie, inclusief Leven Lang Ontwikkelen (LLO), van belang is om zowel huidig als toekomstig personeel toe te rusten met de benodigde vaardigheden; verzoekt de regering om in de uitwerking van de nationale talentstrategie expliciet prioriteit te geven aan de ontwikkeling van technische, digitale en AI-vaardigheden over de volle breedte van het onderwijs inclusief in het mbo en in LLO-trajecten.
16 april | D66, VVD | Aangenomen: 105–45 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma SGP

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: Er is geen directe ondersteuning voor de motie in de verstrekte fragmenten. Een mogelijke voorstander zou een link kunnen leggen met de wens om doorlopende leerlijnen tussen vmbo en mbo te versterken [1], wat aansluit bij de roep om een betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt.

Argumenten tegen: De partij stelt expliciet dat de overheid maatschappelijke problemen niet zomaar op het bordje van het onderwijs mag leggen [2]. De motie verzoekt de regering om onderwijs en LLO-trajecten in te zetten als instrument voor een nationale talentstrategie (gericht op economische relevantie), wat kan worden gezien als het doorschuiven van een strategisch maatschappelijk/economisch vraagstuk naar de sector onderwijs.

Bronnen:

  1. "Er komt geen vijfjarig vmbo voor alle leerlingen. Soepele overgangen en doorlopende leerlijnen tussen praktijkonderwijs, vmbo en mbo worden versterkt."
  2. "De overheid mag maatschappelijke problemen niet zomaar op het bordje van het onderwijs leggen."