Versterking autonomie universiteiten

De regering moet in onderzoek naar academische vrijheid kijken naar de autonomie van universiteiten en hogescholen. De minister mag nu namelijk nog te veel invloed uitoefenen op deze instellingen. Academische vrijheid is essentieel om onderzoek in alle vrijheid uit te kunnen voeren.

Motie van de leden Abdi en Rooderkerk over in het brede onderzoek naar academische vrijheid institutionele autonomie meenemen als factor van belang

De kamer, constaterende dat de leden van de raad van toezicht van universiteiten door de Minister van OCW worden benoemd, geschorst en ontslagen, en dat de Minister de raad van toezicht van hogescholen een aanwijzing kan geven; constaterende dat het Hof van Justitie van de Europese Unie bepaalde dat academische vrijheid ruim moet worden opgevat, in de zin dat die ook een «institutionele en organisatorische» dimensie heeft en de autonomie van hogeronderwijsinstellingen een voorwaarde is om individuele wetenschappers hun onderzoek in vrijheid te laten uitvoeren; van mening dat de ministeriële stelselverantwoordelijkheid voor hogescholen en universiteiten niet mag betekenen dat de Minister gemotiveerde invloed kan uitoefenen op hogeronderwijsinstellingen; verzoekt de regering te onderzoeken of het mogelijk is om in het brede onderzoek naar de academische vrijheid (zoals aangekondigd in de Kamerbrief van 18 december 2025) de institutionele autonomie als factor van belang mee te nemen en de Kamer hierover te informeren.
16 april | GL-PvdA, D66 | Aangenomen: 136–14 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CDA

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij streeft naar het versterken van de onafhankelijke rechtsstaat door te verkennen of bevoegdheden zoals benoemingsprocedures en aanwijzingsbevoegdheden moeten worden aangepast vanwege 'mogelijke politieke beïnvloeding' [1]. De motie sluit hierbij aan door de institutionele autonomie van hogeronderwijsinstellingen te willen onderzoeken in relatie tot de bevoegdheden van de minister [1].

Argumenten tegen: De partij stelt dat regelingen waar de minister eindverantwoordelijk voor is, niet op afstand moeten staan van de minister [2]. Dit zou kunnen pleiten tegen het vergroten van de autonomie van onderwijsinstellingen ten opzichte van de ministeriële stelselverantwoordelijkheid.

Bronnen:

  1. "We nemen maatregelen om de onafhankelijke rechtsstaat te versterken, onder meer door te verkennen of de benoemingsprocedure, begrotingssystematiek, aanwijzings- en vernietigingsbevoegdheden moeten worden aangepast vanwege mogelijke politieke beïnvloeding."
  2. "De uitvoering van de overheid moet slagvaardiger. We pakken de veelheid vanorganisatievormen met onder andere zelfstandige bestuursorganen (zbo's), agentschappen, en toezichthouders aan. We willen dat regelingen waar de minister eindverantwoordelijk voor is en die rechtstreeks mensen raken, niet op afstand staan van de minister."