De regering moet het beleid tegen handel in Israëlische nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever aanscherpen. Bedrijven mogen er geen winst meer kunnen maken. Deze nederzettingen zijn volgens het internationaal recht illegaal. Het stoppen van deze economische activiteiten is nodig om het internationaal recht na te leven.
Motie van het lid Van Baarle over het huidige ontmoedigingsbeleid rond Israëlische nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever omvormen naar verhinderingsbeleid
De kamer,
constaterende dat de Israëlische nederzettingen op de Westelijke
Jordaanoever volgens het internationaal recht illegaal zijn;
verzoekt de regering het huidige ontmoedigingsbeleid om te vormen naar
verhinderingsbeleid, waardoor het verdienen van geld door bedrijven in
illegaal bezet gebied actief wordt verhinderd.
Waarom voor? De partij pleit expliciet voor "een verbod op handel met en investeringen in illegale Israëlische nederzettingen in Palestina" [1] en een verbod op relaties met entiteiten die bijdragen aan de "instandhouding van de illegale bezetting" [2]. Het omvormen van ontmoedigingsbeleid naar verhinderingsbeleid sluit direct aan bij deze strikte standpunten.
Waarom tegen? Er zijn geen argumenten in het verkiezingsprogramma gevonden die pleiten tegen het verhinderen van handel met illegale nederzettingen. De partij profileert zich consistent als voorstander van actieve maatregelen tegen deze praktijken [3].
Bronnen:
"Een verbod op handel met en investeringen in illegale Israëlische nederzettingen in Palestina." (0.798)
"Een verbod op handel en investeringsrelaties met entiteiten die bijdragen aan de instandhouding van de illegale bezetting van Palestina." (0.745)
"De EU moet zich verzetten tegen iedere schending van het internationaal recht. De genocide in Gaza, het systeem van discriminatie en onderdrukking van de Palestijnen, de illegale Israëlische nederzettingen in Palestina, maar ook de terreur van organisaties zoals Hamas en Hezbollah, staan hierin nu centraal." (0.679)