Delen van gegevens bij ordeverstoringen

De regering moet met universiteiten, politie en justitie afspraken maken over het delen van gegevens. Als studenten strafbare feiten plegen of voor ernstige overlast zorgen, moeten universiteiten dit horen. Zo kunnen zij hun bevoegdheid gebruiken om de inschrijving van deze studenten te beëindigen en de veiligheid op de campus waarborgen.

Motie van de leden Nanninga en Diederik van Dijk over een handelingskader om gegevens te delen van studenten die betrokken zijn bij strafbare feiten of ernstige ordeverstoringen

De kamer, constaterende dat bij demonstraties en bezettingen op universiteiten regelmatig sprake is van illegale deelname, oproepen tot geweld en onveilige situaties; constaterende dat artikel 7.57h van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek universiteiten de mogelijkheid biedt om bij ernstige overlast de inschrijving van studenten te beëindigen; overwegende dat in het rapport Gevangen in Vrijheden wordt opgeroepen te verkennen hoe bestuurlijk kan worden ingegrepen bij ordeverstoringen; verzoekt de regering om samen met universiteiten, politie en het Openbaar Ministerie te komen tot een gezamenlijk handelingskader waarbij gegevens van studenten die betrokken zijn bij strafbare feiten of ernstige ordeverstoringen door de politie worden gedeeld met universiteiten, zodat deze instellingen actief gebruik kunnen maken van hun bevoegdheden op grond van artikel 7.57h van de WHW.
21 april | JA21, SGP | Aangenomen: 87–63 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij stelt dat demonstreren binnen duidelijke grenzen moet verlopen en niet mag ontaarden in chaos of onveiligheid [3]. Zij benadrukken dat het recht op demonstratie niet mag worden misbruikt om vitale infrastructuur te blokkeren of te vernielen, en dat dergelijk gedrag snel en doeltreffend bestraft moet worden [3]. Daarnaast eist de partij dat onderwijsinstellingen 'onmiddellijk daadkrachtig' optreden bij haatdragende demonstraties of vernielingen [1], en dat regels voor openbare orde en veiligheid daadwerkelijk worden gehandhaafd, inclusief vervolging en straffen [2].

Argumenten tegen: Er is geen directe aanwijzing in de verstrekte fragmenten dat de partij tegen het delen van informatie met universiteiten is. De enige relevante context is het belang dat de partij hecht aan 'sociale veiligheid' en de 'vrijheid van meningsuiting' binnen de academische wereld [4], maar het corrigeren van strafbare feiten en ordeverstoringen staat hier niet lijnrecht tegenover in het verkiezingsprogramma.

Bronnen:

  1. "Geen haatdragende demonstraties en vernielingen. Bij antisemitische of andere haatdragende demonstraties en vernielingen dienen onderwijsinstellingen onmiddellijk daadkrachtig op te treden. We willen dat de Onderwijsinspectie dit meeneemt in haar beoordeling van onderwijsinstellingen."
  2. "Demonstreren met respect. Demonstreren is ieders goed recht, maar je moet je houden aan de regels waarbij de openbare orde en veiligheid nooit in het geding mogen komen. Dit dient daadwerkelijk te worden gehandhaafd, ook met betrekking tot vervolgen en straffen."
  3. "Demonstreren is een fundamenteel recht in onze democratie, maar dat recht mag nooit ontaarden in chaos of onveiligheid. Protesten moeten ordelijk verlopen, binnen duidelijke grenzen en met respect voor de rechtsstaat én voor anderen. Het demonstratierecht brengt ook verantwoordelijkheid met zich mee. Wie dat recht misbruikt door vitale infrastructuur te blokkeren of te vernielen, ondermijnt de samenleving en overschrijdt een grens. Zulke acties moeten snel en doeltreffend worden bestraft."
  4. "Tot slot wil BBB dat er meer aandacht komt voor sociale veiligheid, verschil in opvattingen en de vrijheid van meningsuiting binnen de academische wereld. Universiteiten horen plekken te zijn waar studenten en docenten zich veilig voelen om te spreken, te twijfelen en van mening te verschillen. Wetenschap bloeit niet in een monocultuur, maar in een klimaat van openheid en debat."