De regering moet met universiteiten, politie en justitie afspraken maken over het delen van gegevens. Als studenten strafbare feiten plegen of voor ernstige overlast zorgen, moeten universiteiten dit horen. Zo kunnen zij hun bevoegdheid gebruiken om de inschrijving van deze studenten te beëindigen en de veiligheid op de campus waarborgen.
Motie van de leden Nanninga en Diederik van Dijk over een handelingskader om gegevens te delen van studenten die betrokken zijn bij strafbare feiten of ernstige ordeverstoringen
De kamer,
constaterende dat bij demonstraties en bezettingen op universiteiten
regelmatig sprake is van illegale deelname, oproepen tot geweld en
onveilige situaties;
constaterende dat artikel 7.57h van de Wet op het hoger onderwijs en
wetenschappelijk onderzoek universiteiten de mogelijkheid biedt om bij
ernstige overlast de inschrijving van studenten te beëindigen;
overwegende dat in het rapport Gevangen in Vrijheden wordt opgeroepen
te verkennen hoe bestuurlijk kan worden ingegrepen bij ordeverstoringen;
verzoekt de regering om samen met universiteiten, politie en het
Openbaar Ministerie te komen tot een gezamenlijk handelingskader
waarbij gegevens van studenten die betrokken zijn bij strafbare feiten of
ernstige ordeverstoringen door de politie worden gedeeld met universiteiten, zodat deze instellingen actief gebruik kunnen maken van hun
bevoegdheden op grond van artikel 7.57h van de WHW.
Argumenten voor: Er is geen directe ondersteuning voor deze motie in het verkiezingsprogramma te vinden. Algemene standpunten over veiligheid en het tegengaan van intimidatie [4][5] zouden theoretisch aangedragen kunnen worden als argument voor het aanpakken van ordeverstoringen.
Argumenten tegen: De partij benadrukt sterk de bescherming van het demonstratierecht en waarschuwt tegen het criminaliseren van demonstranten [2][3]. De motie vraagt om het delen van gegevens van demonstranten ('studenten betrokken bij strafbare feiten of ernstige ordeverstoringen') met de universiteiten, wat botst met de expliciete afwijzing van het monitoren of profileren van demonstranten [1]. Het delen van dergelijke gegevens door de politie met onderwijsinstellingen roept ook zorgen op over de houding van de overheid tegenover demonstranten, die volgens de partij niet als criminelen behandeld moeten worden [2].
Bronnen:
"Het gebruik van gezichtsherkenning van demonstranten en het bijhouden van een demonstrantendatabase moet worden verboden. Vreedzame demonstratie is een fundamenteel recht, geen veiligheidsdreiging. Het monitoren of profileren van demonstranten zonder aanleiding werkt intimiderend, ondermijnt het vertrouwen in de overheid en heeft een afschrikwekkend effect op deelname aan democratisch protest. Het verbod op massale surveillance moet expliciet worden vastgelegd."
"Medewerkers van de gemeente en de politie moeten aanvullende training krijgen over de wettelijke kaders van het demonstratierecht, zodat zij hun werk goed kunnen uitvoeren. Bijvoorbeeld ten aanzien van onwettige ID-controles en het aanhouden van journalisten of waarnemers van demonstraties. We moeten demonstranten niet als criminelen behandelen."
"In Nederland heeft iedereen het recht om te demonstreren. Maar dit recht staat onder druk. De overheid moet dit recht altijd beschermen. Demonstraties zijn een waardevolle manier om meningen te uiten en betrokkenheid te tonen. Het zijn vreedzame bijeenkomsten waar mensen hun standpunten duidelijk maken. Zo moeten we demonstraties blijven zien en behandelen."
"We leggen online-intimidatie aan banden. Mensen met een publieke stem (zoals wetenschappers, columnisten, kunstenaars en politici) moeten vrijuit kunnen spreken, ook in de digitale wereld. De grens van het vrije woord is volgens de wet intimidatie en bedreiging, daarop moet ook online worden gehandhaafd. Bij de Landelijke Eenheid Expertise en Operaties van de politie moet een team worden ingericht dat zich specialiseert in het aanpakken van online-intimidatie."
"Ook in Nederland zorgen we dat iedereen zich veilig voelt en veilig is. Door een betere inzet en opleiding van de politie. We zorgen voor betere samenwerking tussen lidstaten, grensregio's en bescherming van hulpdiensten. Femicide moet stoppen. En we gaan intimidatie tegen, op straat en online."