De regering moet plannen maken om rijkswerkgelegenheid en zelfstandige bestuursorganen (zbo's: organisaties die onafhankelijk van een ministerie werken) beter over het land te spreiden. Het vestigen van deze diensten buiten de Randstad versterkt de economie en de voorzieningen in de regio's.
Motie van de leden Clemminck en Flach over meer passende doelstellingen rond de spreiding van rijkswerkgelegenheid
De kamer,
constaterende dat de vestiging van rijksdiensten en zbo’s grote invloed
heeft op werkgelegenheid, economische vitaliteit en voorzieningen in de
regio’s;
constaterende dat de Minister heeft aangegeven dat de sturingsmogelijkheden bij zbo’s kleiner zijn, maar dat hierover wel met collega’s wordt
gesproken;
overwegende dat spreiding van rijkswerkgelegenheid een concreet
instrument is om regio’s te versterken en de overconcentratie in de
Randstad tegen te gaan;
verzoekt de regering een voorstel uit te werken voor meer passende
doelstellingen rond de spreiding van rijkswerkgelegenheid en een
voorstel uit te werken waarmee er meer op de locatiekeuze van
zelfstandige bestuursorganen zou kunnen worden gestuurd, waarbij waar
mogelijk actief wordt gestuurd op vestiging buiten de Randstad.
Argumenten voor: De partij stelt dat investeringen van het Rijk meer moeten bijdragen aan sterke regio's en dat uitvoeringsorganisaties van het Rijk door heel het land gevestigd moeten worden [1]. Daarnaast vindt de partij dat de Rijksoverheid verschillende regio's te lang aan hun lot heeft overgelaten door onder andere te weinig te investeren in werkgelegenheid [2]. Ook wil de partij de leefbaarheid in álle delen van het land stimuleren en ruimtelijke solidariteit tussen regio's bevorderen [3].
Argumenten tegen: Er is geen informatie in het verkiezingsprogramma die een reden geeft om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"Investeringen van het Rijk moeten meer bijdragen aan sterke regio's. Het Rijk stelt met regiodeals geld beschikbaar om de kwaliteit van leven, wonen en werken in de regio te verhogen. Uitvoeringsorganisaties van het Rijk worden door heel het land gevestigd. Elke regio heeft genoeg OV, zorg- en onderwijsvoorzieningen en krijgt hiervoor geld van het Rijk. Zo houden we gebieden leefbaar. We behouden de toeslag voor kleine scholen. Hogescholen krijgen geld om kleine en kwetsbare opleidingen in de regio overeind te houden. We houden posten voor spoedeisende hulp en andere vormen van acute zorg open door het hele land."
"De Rijksoverheid heeft de verschillende regio's te lang aan hun lot overgelaten en soms zelfs bewust achterstanden gecreëerd. Door te weinig te investeren in werkgelegenheid, huisvesting, bereikbaarheid of het in stand houden van het voorzieningenniveau. Of door, zoals in Groningen, alleen maar te focussen op de (financiële) belangen van de Rijksoverheid, in plaats van de belangen van de regio en haar inwoners. De Rijksoverheid staat letterlijk en figuurlijk op grote afstand van de inwoners van de Veenkoloniën, Zeeuws-Vlaanderen of Twente. En dit geldt voor veel meer regio's."
"Het is hard nodig om grote keuzes voor de toekomst van Nederland te durven nemen. Het Rijk komt daarom eindelijk met de langverwachte 'Nota Ruimte'. Daarin worden grote structuurkeuzes gemaakt, zoals de Lelylijn, Nedersaksenlijn, het aanwijzen van grootschalige nieuwbouwlocaties, Deltawind21 in combinatie met een derde Maasvlakte en natuurontwikkeling. Tegelijk stimuleren we de leefbaarheid in álle delen van het land van stad tot platteland - en bevorderen we ruimtelijke solidariteit tussen regio's. Voor grote woningbouwopgaven komt een landelijke aanpak, zoals eerder bij de VINEX-wijken. Zo zorgen we dat bouwen sneller en beter gebeurt, op plekken die toekomstbestendig en bereikbaar zijn. Ook komt er een nieuwe ruilverkaveling om boeren toekomstperspectief te geven en landbouwgronden logischer en duurzamer in te richten."