Spreiding van rijksbanen buiten de Randstad

De regering moet plannen maken om rijkswerkgelegenheid en zelfstandige bestuursorganen (zbo's: organisaties die onafhankelijk van een ministerie werken) beter over het land te spreiden. Het vestigen van deze diensten buiten de Randstad versterkt de economie en de voorzieningen in de regio's.

Motie van de leden Clemminck en Flach over meer passende doelstellingen rond de spreiding van rijkswerkgelegenheid

De kamer, constaterende dat de vestiging van rijksdiensten en zbo’s grote invloed heeft op werkgelegenheid, economische vitaliteit en voorzieningen in de regio’s; constaterende dat de Minister heeft aangegeven dat de sturingsmogelijkheden bij zbo’s kleiner zijn, maar dat hierover wel met collega’s wordt gesproken; overwegende dat spreiding van rijkswerkgelegenheid een concreet instrument is om regio’s te versterken en de overconcentratie in de Randstad tegen te gaan; verzoekt de regering een voorstel uit te werken voor meer passende doelstellingen rond de spreiding van rijkswerkgelegenheid en een voorstel uit te werken waarmee er meer op de locatiekeuze van zelfstandige bestuursorganen zou kunnen worden gestuurd, waarbij waar mogelijk actief wordt gestuurd op vestiging buiten de Randstad.
13 mei | JA21, SGP | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij streeft ernaar om Nederland sociaal, economisch en ruimtelijk weer in balans te brengen, waarbij welvaart in alle regio's moet groeien [1]. Specifiek wil de partij investeren in regio's die extra aandacht verdienen, met een focus op onder andere werkgelegenheid [2]. Daarnaast vindt de partij dat de landelijke overheid de rol van regisseur moet hebben door duidelijke doelen te stellen [3] en dat het Rijk, samen met provincies en gemeenten, de regie over keuzes in de leefomgeving weer actief moet voeren [5].

Argumenten tegen: De partij wil ruimte laten voor uitvoeringsorganisaties om zelf met oplossingen te komen [4].

Bronnen:

  1. "Welvaart in de breedste zin - van inkomen tot gezondheid en leefomgeving - hoort overal te groeien, in de grote steden en in de regio. Of je nu in Zeeland, Limburg, de Achterhoek, Groningen, Haarlem of Breda woont: dat moet geen verschil maken voor je kansen. D66 wil dat de rijksoverheid samen met de regio's de regie neemt om Nederland sociaal, economisch en ruimtelijk weer in balans te brengen."
  2. "D66 investeert in regio's die extra aandacht verdienen. Dat doen we met name op het vlak van leefbaarheid, werkgelegenheid, bereikbaarheid en de toegang tot kunst en cultuur."
  3. "De landelijke overheid blijft regisseur: duidelijke doelen, stabiele regels en voldoende geld. Wat op de ene plek werkt, delen we nationaal. Succesvolle voorbeelden - zoals van ruilverkaveling of beloningen bij het behalen van doelen - maken we zichtbaar en bruikbaar voor andere regio's."
  4. "In plaats van eindeloos vergaderen over beleid, gaan we vaker snel van start en sturen we bij waar nodig. We laten ruimte voor medeoverheden en uitvoeringsorganisaties om zelf met oplossingen te komen, binnen de doelen en kaders die het Rijk daarvoor stelt."
  5. "In ons dichtbevolkte land kan niet alles en zeker niet alles tegelijk. We moeten dus keuzes maken. D66 kiest voor wat goed is voor de generaties na ons en niet langer alleen voor wat economisch het meest oplevert op korte termijn. Voor zo'n aanpak is regie en kracht in de uitvoering van beleid nodig. D66 wil dat de overheid, Rijk samen met provincies en gemeenten, die regie weer actief voeren. Per gebied spreken we met inwoners en betrokkenen over de keuzes die nodig zijn en over hoe die keuzes met elkaar samenhangen. Denk aan keuzes om de krapte op de woningmarkt aan te pakken, de leefomgeving beter in te richten op het veranderende klimaat, de natuur te versterken en de overbelasting van het stroomnet op te lossen. Samen vinden we oplossingen die bijdragen aan een leefbaar en groen Nederland. En door goede samenwerking kunnen verstedelijking, verduurzaming van de landbouw, versterking van de natuur, de energietransitie en klimaatadaptatie elkaar juist versterken."