Aanpak tekort onderhoud wegen en bruggen

De regering moet laten zien hoe het geldtekort voor het onderhoud van wegen en bruggen kan worden opgelost. Er is een tekort van 35 miljard euro. Te lang wachten met onderhoud is duurder en zorgt voor meer storingen en wegblokkades.

Motie van de leden Wiersma en De Hoop over inzicht geven in hoeverre het tekort op instandhouding van infrastructuur in te lopen of op te lossen valt

De kamer, constaterende dat uit de Staat van de Infrastructuur Rijkswaterstaat 2024 blijkt dat de Nederlandse infrastructuur verder veroudert, storingsgevoeliger wordt en niet overal meer aan de eisen voldoet; constaterende dat Rijkswaterstaat schrijft dat publieke investeringen in het onderhoud van infrastructuur al decennialang een dalende trend laten zien; constaterende dat de Algemene Rekenkamer het verschil tussen budgetbehoefte en begroting voor instandhouding over 2024–2038 raamt op circa 35 miljard euro; overwegende dat tijdig onderhoud goedkoper is dan uitgesteld onderhoud en dat uitstel leidt tot meer beheersmaatregelen, storingen, stremmingen en hogere kosten; verzoekt de regering om zo snel mogelijk inzicht te geven in hoeverre het tekort op instandhouding in te lopen of op te lossen valt, en de Kamer hier bij de ontwerpbegroting 2027 over te informeren.
18 mei | BBB, GL-PvdA | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma DENK

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij wil een sterke verzorgingsstaat met dienstverlening van de hoogste kwaliteit en pleit voor meer geld voor publieke voorzieningen [1]. Daarnaast is de partij bereid om investeringen in de samenleving en publieke diensten mogelijk te maken, waarbij zij openstaat voor het laten oplopen van de staatsschuld binnen de Europese regels [2].

Argumenten tegen: Er is weinig informatie in het programma die direct tegen deze motie is. De partij pleit wel voor een doelmatigheidsslag binnen de overheid om dekking te realiseren [3], wat in theorie zou kunnen leiden tot terughoudendheid bij extra uitgaven, hoewel de motie juist stelt dat tijdig onderhoud goedkoper is.

Bronnen:

  1. "DENK wil een sterke verzorgingsstaat met dienstverlening van de hoogste kwaliteit voor alle Nederlanders. Wij zetten in op een overheid die de maatschappelijke ongelijkheid de komende periode fors verkleint. Wij staan daarom voor meer geld voor het onderwijs, voor betaalbare woningen, voor het openbaar vervoer, voor de zorg en voor andere publieke voorzieningen. We versterken de bestaanszekerheid door het invoeren van belastingverlagingen voor mensen met lage- en middeninkomens en investeren in toereikende tegemoetkomingen. Wij maken geld vrij voor de bestrijding van armoede. Door het afschaffen van het eigen risico, het verlagen van de zorgpremie, het betaalbaar houden van huren en het verlagen van de BTW zorgen we ervoor dat het leven van mensen weer betaalbaar wordt."
  2. "Wij willen onze maatregelen op een goede manier financieren. Dat betekent dat wij niet toestaan dat rekeningen op een onverantwoorde manier doorgeschoven worden naar komende generaties. Tegelijkertijd is het van belang dat we het land niet besturen als kille boekhouders. Binnen de bestaande Europese begrotingsregels is het dan ook bespreekbaar voor ons om de staatsschuld te laten oplopen, om investeringen in onze samenleving mogelijk te maken. Nu er op defensiegebied uitzonderingen op de begrotingsregels gemaakt worden, willen wij deze uitzonderingen ook voor investeringen in bijvoorbeeld publieke diensten die de brede welvaart van de samenleving vergroten en in het klimaatbeleid."
  3. "Op fiscaal gebied kan dekking worden gerealiseerd door een eerlijkere bijdrage uit de winsten van grote bedrijven en van de superrijken. Wij verhogen daarom de winstbelasting voor grote bedrijven en schaffen ondoelmatige belastingvoordelen die de ongelijkheid vergroten af. Binnen de inkomstenbelasting zorgen wij voor een rechtvaardigere verdeling door van superrijken een eerlijke bijdrage te vragen. Deze eerlijke bijdrage vragen wij ook van zeer grote vermogens. De grote vervuilende bedrijven moeten ook hun eerlijke deel bijdragen, volgens het principe dat de vervuiler betaalt. Aanvullende dekking kan worden gevonden door een doelmatigheidsslag binnen de overheid en het anders inzetten van bestaande fondsen. Tot slot heeft bij optredende begrotingstekorten het altijd eerst de voorkeur om in te zetten op een doelmatigere overheid, waarbij de uitgaven voor de sociale zekerheid, de zorg en het onderwijs worden ontzien en altijd op peil blijven."