Partnerschappen met buurlanden in plaats van EU-uitbreiding

De regering moet binnen de Europese Unie (EU) kiezen voor partnerschappen met buurlanden in plaats van uitbreiding. Goede relaties met buurlanden bevorderen de samenwerking zonder dat deze landen lid van de EU hoeven te worden.

Motie van de leden Stöteler en Vermeer over inzetten op partnerschappen met buurlanden in plaats van uitbreiding van de EU

De kamer, constaterende dat verdere uitbreiding van de Europese Unie op de agenda blijft staan; overwegende dat sterke en stabiele relaties met buurlanden bevorderlijk zijn voor samenwerking, zonder dat deze noodzakelijkerwijs tot EU-lidmaatschappen hoeven te leiden; spreekt uit dat het versterken van partnerschappen met buurlanden de voorkeur verdient boven verdere uitbreiding van de Europese Unie; verzoekt de regering om zich binnen de Europese Unie in te zetten voor een strategie die inzet op partnerschappen met buurlanden in plaats van uitbreiding van de Europese Unie.
20 mei | PVV, BBB | Verworpen: 52–98 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma PvdD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij pleit voor een sterke regionalisering van productie en diensten binnen het handels- en ontwikkelingsbeleid [4] en benadrukt dat Nederland de regio niet aan haar lot moet overlaten [3]. Daarnaast vindt de partij het essentieel om verbindingen te onderhouden met burgers en maatschappelijke organisaties in zowel democratische als niet-democratische landen [2]. Verder stelt de partij dat grondrechten en de rechtsstaat in alle EU-landen gewaarborgd moeten zijn [1].

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het verkiezingsprogramma die pleiten voor verdere uitbreiding van de Europese Unie.

Bronnen:

  1. "De EU zet zich in voor de versterking van de rechtsstaat en democratie, vrije media en mensenrechten. Zulke grondrechten dienen in alle EUlanden gewaarborgd te zijn. Landen die hieraan tornen kunnen niet langer rekenen op EU-subsidies."
  2. "We investeren in verbinding en kennisuitwisseling tussen burgers en maatschappelijke organisaties uit democratische landen. In gesprek blijven met elkaar en het nader tot elkaar komen zijn sleutels tot vreedzame oplossingen. Ook de verbinding met kritische maatschappelijke organisaties in niet-democratische landen is essentieel. Daarom moet het kabinet niet minder, maar veel meer investeren in het maatschappelijke middenveld, de versterking van de positie van mensen in gemarginaliseerde posities en in de versterking van de democratie en vrije pers wereldwijd."
  3. "Door onze lotsverbondenheid laat Nederland de regio niet aan haar lot over; wanneer politici en separatisten de vrede ondermijnen of de genocide ontkennen, spreekt Nederland zich uit en laat de bevolking niet in de steek."
  4. "Uitgangspunt van zowel het handels- als het ontwikkelingsbeleid wordt een sterke regionalisering van productie en diensten. Het geld voor ontwikkelingssamenwerking komt de lokale bevolking, ecologie en dierenwelzijn ten goede en wordt ingezet op een duurzame manier: het voorkomen van reproductie van ongelijkheid en nieuwe vormen van afhankelijkheid."