De regering moet binnen de Europese Unie (EU) kiezen voor partnerschappen met buurlanden in plaats van uitbreiding. Goede relaties met buurlanden bevorderen de samenwerking zonder dat deze landen lid van de EU hoeven te worden.
Motie van de leden Stöteler en Vermeer over inzetten op partnerschappen met buurlanden in plaats van uitbreiding van de EU
De kamer,
constaterende dat verdere uitbreiding van de Europese Unie op de
agenda blijft staan;
overwegende dat sterke en stabiele relaties met buurlanden bevorderlijk
zijn voor samenwerking, zonder dat deze noodzakelijkerwijs tot
EU-lidmaatschappen hoeven te leiden;
spreekt uit dat het versterken van partnerschappen met buurlanden de
voorkeur verdient boven verdere uitbreiding van de Europese Unie;
verzoekt de regering om zich binnen de Europese Unie in te zetten voor
een strategie die inzet op partnerschappen met buurlanden in plaats van
uitbreiding van de Europese Unie.
Argumenten voor: De partij hecht veel waarde aan betere samenwerking tussen EU-landen en landen buiten de EU [3]. In het buitenlands beleid staan dialoog, diplomatie en samenwerking voorop om de veiligheid, democratie en mensenrechten te verbeteren [4][7]. Daarnaast streeft de partij naar gelijkwaardige partnerschappen met regio's zoals Afrika [6].
Argumenten tegen: De partij pleit expliciet voor een nieuwe uitbreidingsronde van de EU, waarbij vóór 2035 maximaal tien nieuwe lidstaten worden verwelkomd om de rechtsstaat, democratie en economie te versterken [1]. Daarnaast wil de partij dat Nederland zich inzet voor een snelle uitbreiding van de EU vanwege strategische redenen en veiligheid [2]. Ook wordt er gestreefd naar een verdere uitbreiding van de eurozone [5].
Bronnen:
"De EU moet zich voorbereiden op een nieuwe uitbreidingsronde. Nederland en de EU moeten nú werk maken van de hervormingen die nodig zijn om vóór 2035 maximaal tien nieuwe lidstaten te kunnen verwelkomen. Dat vraagt om een toekomstbestendig budget, tijdige institutionele aanpassingen en een zachte landing voor zowel bestaande als nieuwe lidstaten. Op die manier kan uitbreiding juist zorgen voor een sterkere rechtsstaat, democratie en economie. Volt pleit daarom voor een heldere uitbreidingsstrategie inclusief duidelijke doelstellingen en tijdslijnen, met daarin in ieder geval: een Transitiefonds van 75 miljard euro, stapsgewijze toetreding, versterkte rechtsstaatswaarborgen en vroegtijdige betrokkenheid van kandidaat-lidstaten bij EU-instellingen."
"Volt wil dat Nederland zich inzet voor de hernieuwde toetreding van het Verenigd Koninkrijk. Ook dient Nederland zich actief in te zetten voor een snelle uitbreiding van de EU. Dit uit oogpunt van veiligheid en om strategische redenen. Het toetredingsproces moet sneller, maar zonder de eisen te verlagen. Daarom pleit Volt voor een stapsgewijs lidmaatschap: landen krijgen geleidelijk meer rechten naarmate ze meer voldoen aan de EU-regels. Alleen landen die de waarden van de EU steunen, kunnen kandidaat worden."
"Volt wil een Europese minister van Buitenlandse Zaken met een groot mandaat om namens de EU de wereld in te gaan. Nederland zet zich in voor betere samenwerking tussen EU-landen en landen buiten de EU."
"De EU moet een sterke speler zijn die haar waarden en belangen kan beschermen in een wereld waar grootmachten steeds meer inzetten op machtspolitiek en invloedssferen. Dialoog, diplomatie en samenwerking zullen echter voorop blijven staan op weg naar betere veiligheid, democratie en mensenrechten."
"We streven naar verdere uitbreiding van de eurozone."
"De EU moet Afrika als een gelijkwaardige partner behandelen. Samenwerking moet gericht zijn op door Afrikaanse landen zelf gekozen ontwikkeling, met respect voor hun soevereiniteit en welvaart. De EU helpt daarbij met leningen en investeringen via internationale en lokale ontwikkelingsbanken. Deze investeringen richten zich op het voorkomen van klimaatschade, het bestrijden van armoede en het versterken van democratie in de regio. Het geld gaat alleen naar projecten die financieel rendabel zijn en door de landen zelf worden uitgevoerd. Goede ambassades ter plekke zijn hiervoor belangrijk."
"Als Europese Unie (EU) moeten we sterker en duidelijker optreden. Er komt één Europees buitenlands beleid met een Europese minister van Buitenlandse Zaken. Gelijkwaardigheid, mensenrechten en samenwerking zijn de basis voor dit beleid. We beschermen het internationaal recht, binnen én buiten de EU. Als mensenrechten worden geschonden, zoals in Gaza en Oekraïne, dan komt de EU in actie. Doet de EU dat niet, dan treedt Nederland zelf op. We overtuigen meer landen om het Internationaal Strafhof te erkennen. Zo kunnen oorlogsmisdadigers wereldwijd makkelijker worden vervolgd."