Betere handelsrelatie met China

De regering moet in Europa werken aan minder spanningen in de handel met China. Handelsconflicten schaden de wereldwijde economie. De regering moet pleiten voor eerlijke toegang tot markten voor alle partijen en het aanpakken van oneerlijke handelspraktijken.

Motie van het lid Hoogeveen over inzetten op de-escalatie van de handelsspanningen met China

De kamer, constaterende dat de Europese Commissie met het «Made in Europe»beleid inzet op een Europese industriële basis en strategische autonomie; constaterende dat China hiertegen dreigt met tegenmaatregelen, terwijl het zelf jarenlang een actief industriebeleid heeft gevoerd en buitenlandse markttoegang heeft beperkt; overwegende dat strategische autonomie niet moet leiden tot protectionisme of verdere ontkoppeling; overwegende dat Nederland, de EU en China grote wederzijdse economische belangen hebben en dat verdere handelsspanningen schadelijk zijn voor mondiale waardeketens; verzoekt de regering zich in Europees verband in te zetten voor de-escalatie van de handelsspanningen met China en de dialoog te benutten om te pleiten voor wederkerige markttoegang, aanpak van oneerlijke handelspraktijken en het voorkomen van nieuwe handelsbelemmeringen.
21 mei | JA21 | Aangenomen: 114–36 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij stelt dat handel en samenwerking met China nodig blijven, met name voor goederen voor de energietransitie en grondstoffen [2]. Daarnaast is de partij fel tegen handelsoorlogen, omdat deze de geloofwaardigheid van Europa schaden en werkgelegenheid kosten [6]. De partij streeft naar wederzijds voordelige en gelijkwaardige relaties met toeleverende landen [7]. Ook pleit de partij voor strengere regels tegen goedkope Chinese import die Nederlandse ondernemers ondermijnt [8], wat aansluit bij de wens in de motie om oneerlijke handelspraktijken aan te pakken.

Argumenten tegen: De partij hecht veel waarde aan strategische autonomie en wil minder afhankelijk worden van China voor grondstoffen [1], digitale diensten [3] en cruciale goederen [4]. Er wordt expliciet gepleit voor het afbouwen van strategische afhankelijkheden [2]. Bovendien wil de partij een Europees voorkeursprincipe bij aanbestedingen [5] en een CO2-grensheffing om lokale alternatieven aantrekkelijker te maken dan import [9], wat kan worden gezien als het protectionisme waar de motie voor waarschuwt.

Bronnen:

  1. "Strategische autonomie. Om onze welvaart te behouden, moeten we als Europa minder afhankelijk worden van landen als China voor onze grondstoffen. Nederland zet zich in Europa in voor een grondstoffenstrategie en bekijkt hoe we edelmetalen op een duurzame manier zelf kunnen delven."
  2. "China. We kiezen voor een realistisch en krachtig Europees Chinabeleid. Handel en samenwerking blijven nodig, vooral voor grondstoffen en goederen voor de energietransitie. Maar Europa moet strategische afhankelijkheden afbouwen, zich wapenen tegen economische chantage en ongewenste invloed weren. We maken met onze bondgenoten duidelijk dat mensenrechtenschendingen consequenties hebben, zoals onderdrukking van de Oeigoeren en Tibetanen, steun aan Rusland of agressie tegen Taiwan."
  3. "Digitale autonomie en industriepolitiek in Europa. Nederland kent veel innovatieve ICT-bedrijven, maar is toch afhankelijk van Amerikaanse en Chinese leveranciers. Samen met Europese partners maken we haast met het bouwen van Europese alternatieven en het stallen van data op Europees grondgebied en zorgen we dat het uitsluitend onder Europees recht valt. Zo maken we de hele overheid minder afhankelijk van landen buiten de Europese Economische Ruimte en bergen we overheidsinformatie veiliger op. Om dit meer kracht bij te zetten investeren we in de Rijkscloud. Voor het stellen van prioriteiten in het bouwen aan digitale autonomie, kiezen we een risico-gedreven aanpak, waarbij we de gehele technologiestack in samenhang benaderen. We ondersteunen initiatieven voor Europese chipfabrieken en sturen bij de Europese Commissie aan op publieke garanties, zoals bij het InvestEU-programma. In Nederland omarmen we het ecosysteem van innovatieve mkb'ers en stimuleren start-ups in de tech-sector. De Rijksoverheid geeft als grootste IT-afnemer van het land de voorkeur aan Europese digitale diensten. Dat leidt tot hoogwaardige werkgelegenheid en versterkt de economie."
  4. "Meer strategische autonomie. De EU is voor te veel goederen te afhankelijk van externe partners. Daarom zorgen we voor meer diverse toeleveringsketens, gaan we efficiënter om met energie en grondstoffen en produceren we meer cruciale goederen zelf. We delven en verwerken grondstoffen in Europa met respect voor mensenrechten en bescherming van natuur en biodiversiteit. We investeren daarnaast in onze concurrentiepositie en onafhankelijkheid via technologie en onderzoek."
  5. "Made in Europe. We kiezen voor een groene en eerlijke economie waarin meer producten in Europa worden gemaakt. Hiermee worden we minder afhankelijk van vervuilende import en krijgen we meer grip op arbeidsrechten en het milieu, en vergroten we onze strategische autonomie. Daarom moet er voor strategische sectoren en technologieën een Europees voorkeursprincipe gaan komen in publieke aanbestedingsregels. Ook op nationaal niveau gaan we onderzoeken of we bij inkoop- en aanbestedingen voorrang kunnen geven aan Europese bedrijven."
  6. "Europa tegen de handelsoorlog. De buiging van de Europese Commissie voor de handelsoorlog van president Trump is onacceptabel. Het beschadigt de geloofwaardigheid van Europa als geopolitieke grootmacht, ondermijnt het multilaterale handelssysteem en kost Nederland en Europa werkgelegenheid. In plaats van duurzame energie geproduceerd in Europa, kiest de Commissie bovendien voor de import van Amerikaanse fossiele brandstoffen. Het kabinet moet aan de slag om de effecten van de handelsoorlog op de Nederlandse werkgelegenheid te bestrijden. We gaan daarom met vakbonden en werkgevers aan de slag om voortgang te boeken voor een onafhankelijker Europa met goede banen en een schone economie."
  7. "Economische weerbaarheid. Wereldwijd neemt de economische oorlogsvoering toe. Nederland en Europa moeten zich daarom actiever inzetten om de aanvoer en beschikbaarheid van kritieke grondstoffen te waarborgen. Dat doen we samen met het bedrijfsleven en door wederzijds voordelige, gelijkwaardige relaties aan te gaan met toeleverende landen."
  8. "Goedkoop is duurkoop. Nederland wordt overspoeld met goedkope spullen uit met name China. Niet alleen voldoen deze spullen niet aan Europese veiligheidsregels, maar ze ondermijnen met goedkope namaak ook Nederlandse ondernemers. In Europees verband pleiten we voor strengere regels."
  9. "Een duurzaam, krachtig en innovatief Europa. Europa heeft kans om koploper te worden in een schone wereldeconomie. Dat kan met een krachtigere interne markt gecombineerd met slim industriebeleid, dat ons autonomer, productiever en duurzamer maakt. We kiezen voor kwaliteit en beschermen onze markt tegen producten die onder onze normen duiken. We maken financiering van startups eenvoudiger. Daarnaast pleiten we in de EU voor uitbreiding van CBAM, de Europese CO₂-grensheffing. Daarmee wordt de CO₂-uitstoot die gepaard gaat met de productie van geïmporteerde goederen eerlijk beprijsd en lokale alternatieven aantrekkelijker."