De regering moet met het Openbaar Ministerie (de organisatie die bepaalt wie vervolgd wordt) bespreken waarom 16- en 17-jarigen bij ernstige gewelds- en zedenmisdrijven bijna nooit volgens het volwassenenstrafrecht worden berecht. Dit gebeurt nu nauwelijks, zelfs bij zeer gewelddadige en berekenende daders.
Motie van het lid Bikkers over knelpunten in het vorderen van volwassenenstrafrecht bij 16- en 17-jarigen die worden verdacht van zeer ernstige gewelds- en zedenmisdrijven
De kamer,
constaterende dat de huidige strafwet de mogelijkheid biedt om 16- en
17-jarigen het volwassen (commune) strafrecht toe te passen;
constaterende dat dit in de praktijk vrijwel niet gebeurt, ook niet bij zeer
gewelddadige feiten waarin sprake is van een berekenend en volwassen
karakter van de dader;
van mening dat de dader in dit type zaken vaker volgens het volwassenenstrafrecht zou moeten worden berecht;
verzoekt de regering in haar overleggen met het Openbaar Ministerie te
bespreken of er knelpunten worden ervaren in het vorderen van volwassenenstrafrecht bij 16- en 17-jarigen die worden verdacht van zeer ernstige
gewelds- en zedenmisdrijven, en hierover de Kamer voor het einde van
het jaar te informeren.
Argumenten voor: De partij wil dat rechters meer ruimte krijgen om het volwassenenstrafrecht toe te passen op zestien- en zeventienjarigen die zeer ernstige gewelds- of zedenmisdrijven plegen [1]. De motie richt zich specifiek op het onderzoeken van de knelpunten bij het toepassen van dit strafrecht voor deze leeftijdsgroep bij dergelijke misdrijven.
Argumenten tegen: De partij heeft het standpunt dat zij tegen moties stemmen die geen duidelijke meerwaarde hebben, bijvoorbeeld wanneer er eerder soortgelijke moties zijn aangenomen [2].
Bronnen:
"Stevige aanpassingen van het jeugdstrafrecht: De maximale straffen gaan omhoog en rechters krijgen meer ruimte om het volwassenenstrafrecht toe te passen op zestien- en zeventienjarigen die zeer ernstige gewelds- of zedenmisdrijven plegen. Jeugd-tbs moet worden omgezet naar volwassenen-tbs als jongeren nog steeds risico's voor zichzelf en de samenleving vormen."
"Politiek die zichzelf serieus neemt: De Tweede Kamer is het hoogste orgaan van het land. Die taak moet dus ook serieus genomen worden. We willen dat de politiek zich richt op het oplossen van problemen van mensen thuis, niet op ophef. Volksvertegenwoordiging is meer dan moties indienen. Om de motiestroom tegen te gaan stemmen we daarom zelf tegen moties die geen overduidelijke meerwaarde hebben, bijvoorbeeld omdat de minister iets al heeft toegezegd of omdat eerder soortgelijke moties zijn aangenomen. We zorgen dat Kamerleden goede ondersteuning hebben en dat de controlerende taak van de Kamer versterkt wordt door het overnemen van de aanbevelingen uit het rapport Voor een Kamer die Werkt."