De regering moet de interpretatieve verklaring (de officiële uitleg van een verdrag) over het begrip 'Nederlanderschap' aanpassen. Nu worden geïntegreerde vreemdelingen namelijk gelijkgesteld aan mensen met de Nederlandse nationaliteit. Dit is niet toegestaan. De aanpassing zorgt voor een duidelijk onderscheid tussen Nederlanders en vreemdelingen.
Motie van het lid Faber over vreemdelingen niet gelijkstellen met personen die de Nederlandse nationaliteit bezitten
De kamer,
constaterende dat Nederland een interpretatieve verklaring heeft afgelegd
waarin het het begrip «Nederlanderschap» in de zin van artikel 4 van het
verdrag uitlegt;
constaterende dat Nederland hier onderscheid maakt in twee categorieën:
personen die de Nederlandse nationaliteit bezitten en vreemdelingen die
in de Nederlandse samenleving zijn geïntegreerd;
overwegende dat vreemdelingen voor het begrip «Nederlanderschap»
gelijk worden gesteld met personen die de Nederlandse nationaliteit
bezitten en dit absoluut ontoelaatbaar is;
verzoekt de regering de interpretatieve verklaring aan te passen zodat
vreemdelingen niet langer gelijk worden gesteld met personen die de
Nederlandse nationaliteit bezitten.
Argumenten voor: De partij wil de regels voor het verkrijgen van het Nederlanderschap en de eisen voor integratie aanzienlijk aanscherpen, bijvoorbeeld door de taaleis te verhogen [1] en de naturalisatietermijn te verlengen [2]. Een cruciaal onderdeel van de partijstandpunten is dat internationale verdragen moeten worden herzien, aangepast of gemoderniseerd om de gewenste beleidsdoelen te kunnen realiseren [7430, 7573, 7619]. De motie vraagt specifiek om het aanpassen van een interpretatieve verklaring (een manier waarop een verdrag wordt uitgelegd) om het onderscheid tussen vreemdelingen en Nederlanders te herstellen. Dit sluit direct aan bij de bereidheid van de partij om juridische kaders en verdragen aan te passen om een strikter beleid te kunnen voeren [7573, 7619].
Argumenten tegen: Er is in de tekst geen directe argumentatie te vinden om tegen deze motie te stemmen, aangezien de partij juist pleit voor meer controle en strengere scheidingen in het immigratie- en naturalisatiebeleid.
Bronnen:
"Nederlands spreken is de basis: De Nederlandse taal spreken is cruciaal om vol mee te doen in onze samenleving. Daarom moet iedereen die Nederlander wil worden dat kunnen. Het is onacceptabel dat migranten die onvoldoende Nederlands spreken Nederlander mogen worden. Daarom willen wij de taaleis voor naturalisatie verhogen naar het basisniveau voor de werkvloer. Hiermee komt een einde aan vrijstellingen of andere routes waardoor burgemeesters bij een naturalisatieceremonie nu nog regelmatig mensen voor zich krijgen die de eed of belofte niet eens in het Nederlands kunnen uitspreken."
"Ophogen naturalisatietermijn naar tien jaar: Omdat het Nederlanderschap een grote stap is zowel voor een migrant om te verkrijgen als voor de overheid om af te geven, willen wij dat de standaardtermijn wordt verdubbeld. Ook wordt er voor volwassenen een inkomens- of opleidingseis geïntroduceerd, zodat het Nederlanderschap alleen kan worden verkregen door migranten die meedoen in de samenleving. Hierop is een uitzondering mogelijk als er sprake is van een geestelijke of lichamelijke beperking waardoor hieraan niet voldaan kán worden."